Foto: Fred Westerink

Gebrek aan ‘macht en tegenmacht’

In het toeslagendebat haalde Kamerlid Pieter Omzigt stevig uit. ‘Macht en tegenmacht functioneert niet. De band tussen het Kabinet en de coalitiefracties in de Tweede Kamer is te innig’. Hoe functioneert macht en tegenmacht in onze gemeente? En hoe zit het met de band tussen het College van B&W en de coalitiepartijen (VVD, CDA, CU, SGP, GroenLinks)?

Ook hier is een gebrek aan macht en tegenmacht en staan de coalitiepartijen te veel in verbinding met het College. Je kunt de klok erop gelijkzetten als er gestemd moet worden over de raadsvoorstellen. De uitslag is veelal standaard: 17 of 18 stemmen vóór (de coalitiepartijen + FVO) en 5 stemmen tégen (de oppositiepartijen BBR, D66, PvdA).

Een voorbeeld is het ‘raadsbesluit reserve investeringsfonds’. Het besluit houdt in dat het College, zonder voorafgaande goedkeuring van de gemeenteraad, de bevoegdheid krijgt om strategische grondaankopen te doen tot een maximumbedrag van 1 miljoen euro per transactie. Controle door de Raad gebeurt dus niet vooraf maar achteraf, als de aankoop al heeft plaatsgevonden en niet meer kan worden teruggedraaid. Uitslag: 18 stemmen vóór en 5 tégen. Een slecht besluit, want de Raad kan op deze manier haar controlerende taak niet uitvoeren.

Een ander voorbeeld is het ‘raadsbesluit aankoop kavel Hoge Rijndijk 15’, waarbij 371.000 euro wordt uitgegeven om 15 parkeerplaatsen te realiseren. Terwijl het College ook voor dit jaar een tekort verwacht.

In de commissievergaderingen zie je nog wel dat commissieleden van coalitiepartijen kritisch zijn. Maar als daarna de raadsvergadering plaatsvindt en er gestemd moet worden, dan sluiten de coalitierijen zich.

Oplossing: er moet een andere bestuurscultuur komen waarbij ook raadsleden van coalitiepartijen hun controlerende taak onafhankelijk uitoefenen. Een andere bestuurscultuur is een speerpunt van BBR voor de verkiezingen 2022. Volgend jaar maart kunt u er wat aan doen.

Meer berichten