Afbeelding

Een steuntje in de rug

Algemeen Anders bekeken

Ergernis is nooit ver weg. Voorbeelden? Voor je ogen poept een hond in een grasstrook, het stoïcijns kijkende baasje laat de drol liggen. Auto’s rijden veel te hard door je straat. Schots en scheef geparkeerde busjes belemmeren de doorgang. De collega die nooit koffie haalt, de baas die nooit een compliment geeft. De fietser of automobilist die je afsnijdt, de voetganger die niet opzij stapt. Restanten van fastfood-maaltijden die met de verpakking op straat zijn geflikkerd. Plastic afval dat een week buiten hangt. Troep bij in plaats van in de afvalcontainer. De winkelbediende die je afsnauwt. De wachtrij, waar dan ook. 

Ach, wie laat zich niet soms zijn/haar humeur verpesten? Maar het is goed om vooral ook stil te staan bij wat we met elkaar en masse voor anderen doen. Dan hebben we het niet alleen over de duizenden vrijwilligers, die zorgen dat verenigingen, wijkcomités en talloze andere organisaties blijven draaien, dat jeugdige sporters worden gereden naar uitwedstrijden, dat spelletjesmiddagen gehouden kunnen worden voor ouderen, dat taallessen worden gegeven aan asielzoekers. We hebben het ook over serviceclubs als de Lions, Rotary en InnerWheel, die via gerichte acties steun bieden aan mensen die het nodig hebben. Doen kerkelijke organisaties ook. We zien het niet altijd, maar er gebeurt op dat soort vlakken ook in Bodegraven-Reeuwijk bar veel. In een gemeente waar vele honderden mensen in aanmerking komen voor de energietoeslag (niet bepaald uit weelde) of gebruik moeten maken van de voedselbank, is die hulp ook hard nodig. 

In dat kader verdient een initiatief van Ben van ’t Hof van horecagelegenheid De Buren aan het Raadhuisplein een pluim. Hij nodigt voortaan elke woensdag tien eenzame of alleenstaande mensen uit voor een gratis maaltijd. Natuurlijk kun je dat afdoen als een reclamestunt. Maar het geeft vooral een signaal af naar mensen die een steuntje in de rug kunnen gebruiken. Misschien zouden nog meer mensen daar eens over moeten nadenken.