
Verhalen uit het archief: Wapens voor verzet komen via de lucht
AlgemeenTerwijl Oekraïne nu door diverse landen van wapentuig wordt voorzien, gebeurde dat tijdens de Tweede Wereldoorlog via droppingen met vliegtuigen.
BODEGRAVEN-REEUWIJK
In de loop van de oorlogsjaren hadden zich overal in het land knokploegen (KP’s) gevormd. Deze saboteerden, bevrijdden gevangenen en pleegden soms gewapende overvallen om aan bonkaarten te komen. Ook Bodegraven, Reeuwijk, Nieuwerbrug, De Meije en omgeving hadden actieve knokploegen.
De KP’s in de regio waren zoals overal in het land geleidelijk ontstaan om sabotage en andere verzetsdaden te plegen en ten slotte een hechte landelijke organisatie geworden. In 1944 werd deze organisatie op verzoek van de regering in Londen omgevormd tot de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten, kortweg BS genoemd, om van binnenuit te helpen bij de bevrijding. Het waren geen moderne strijdkrachten, maar mannen in overalls en buitgemaakte geweren. In Bodegraven werd de heer C. Burggraaf commandant en Joh. Hoogendoorn, W.J. Dam, W.L. van Leeuwen en B. Sluijter de ondercommandanten. In Nieuwerbrug was Versloot de commandant en is bekend dat H. Wijk en Rijnveldt deel van de ploeg uitmaakten. In Reeuwijk was de al eerder genoemde ambtenaar Van Leeuwen hoofd van het verzet.
Om aan de benodigde wapens te komen werden in onze omgeving vanaf eind september 1944 wapendroppingen gedaan. Zowel in de Bodegraafse Meije als in de Stichtse Meije werden in het land achter boerderijen deze wapens gedropt. Ook in Oud-Bodegraven, in Boskoop, Reeuwijk en in Zwammerdam werden in de daarop volgende maanden duizenden wapens vanuit vliegtuigen gedropt.
Droppen in de Rijnstreek
De eerste dropping in de Rijnstreek vond plaats in Boskoop. Een aantal Zwammerdamse KP’ers ging daarheen om het ‘te leren’. Via Radio Oranje was door middel van codeberichten medegedeeld dat er een dropping te verwachten was, nadat dit eerst via de illegale zender, die ook in Boskoop zat, afgesproken was. Men verzamelde zich in een boerderij bij het droppingterrein en in het aardedonker werd het vliegtuig afgewacht. Toen het hoorbaar aan kwam vliegen werd met seinlampen de plek aangegeven waar de wapencontainers uitgegooid moesten worden. De felgekleurde parachutes moesten direct verwijderd worden, omdat die te opvallend waren, en de mannen begonnen de containers naar een schouw te slepen om ze te vervoeren; ondanks het gevaar voor ontdekking wist men alle wapens te bergen.
In het Reeuwijkse gebied was de Middelburgse Polder de plaats waar de meeste droppingen plaatsvonden. Het Boskoopse verzet had de regie bij deze droppingen, maar het is zeker dat er ook Reeuwijkers bij deze droppingen betrokken waren. In dit gebied vond de eerste dropping plaats op 22 september 1944. In totaal zijn er 85 containers met wapens afgeworpen en geborgen.
Vooral het terrein de Stichtse Meije was een uitgelezen plek voor een dropping. Dit terrein tussen het blauwgrasland, waar Fr. Habold woonde, werd door de Duitsers gemeden omdat het zo geïsoleerd lag.
Poppenkast
Om de aandacht van een komende dropping af te leiden werden zowel in Reeuwijk als in Meije soms parachutes met poppen afgeworpen. De poppen waren van jute gemaakt met op de rug explosieven of lichtkogels. De springstof werd ontstoken met picinezuur en veroorzaakte veel lawaai. Op deze manier werden de Duitsers op het verkeerde been gezet en kon elders een dropping plaats vinden. In de Reeuwijkse Tempel zijn diverse poppen gevonden. In de Oudheidkamer is nog een exemplaar te vinden (zie foto).
Meestal ging het goed, maar op een gegeven moment werd de Zwammerdamse droppingploeg gesnapt. Daarna werden Pieter en Nicolaas Doelman, Dirk van Ommering en Deef Pronk gefusilleerd.
Sabotage en het verzamelen van inlichtingen
Via de wapendroppingen wist men dus aan wapens te komen, maar ook voor die tijd wist men op slinkse wijze wapens te bemachtigen. Zo werden er wapens gestolen uit kapotte Duitse vrachtwagens en uit vliegtuigen die in de polders neerstortten. Ook werden er bij een aantal acties waarbij verzetsmensen vermomd waren als Duitse soldaten, wapens uit het Bodegraafse politiebureau gehaald. Ook veel particulieren hadden wapens in huis, wat natuurlijk levensgevaarlijk was. Zo had Vergeer in Reeuwijk wapens onder de vloer van zijn huiskamer.
Naast het verzamelen van wapens waren de BS actief met sabotageacties zoals het plaatsen van splinterbommen. Dat gebeurde bijvoorbeeld bij Rijksweg 12, waardoor banden van de Duitse vrachtwagens vernietigd werden. Ook kreeg de Bodegraafse ploeg opdracht om de spoorlijn onklaar te maken, opdat het vervoer van de beruchte V1-raketwapens naar de kust niet kon plaatsvinden. Deze raketten moesten toen over de weg met zeer veel moeite over het toen nog smalle kruispunt bij Brugstraat en Van Tolstraat gemanoeuvreerd worden.
De BS traden ook op tegen sommige boeren die misbruik maakten van het gebrek aan eten en woekerprijzen rekenden voor voedsel. Zij haalden daar onder bedreiging voedsel weg voor onderduikers. Ook heeft de ploeg diverse verzetsmensen uit de cel weten te bevrijden. Bij de bevrijding en in de periode daarna vervulden de BS de taak van ordebewaker.
door Cock Karssen