Ronald, Arnold en Trudy voor de kathedraal van Santiago de Compostela.
Ronald, Arnold en Trudy voor de kathedraal van Santiago de Compostela.

‘Op deze manier laat ik een last achter en is mijn taak volbracht’

Algemeen

Arnold van der Maat (84) wilde zijn dankbaarheid tonen voor het leed dat zijn overleden vrouw bespaard is gebleven. Hij wandelde met zijn dochter Trudy en zoon Ronald de laatste 130 kilometer van de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela. 

ZWAMMERDAM

Iedere wandelaar die zijn veters strikt en richting Santiago de Compostela beent, heeft zo zijn beweegredenen voor de populaire pelgrimstocht: van sportieve uitdaging tot het verbonden voelen met de natuur en van het ontmoeten van andere wandelaars tot het gewoon onderweg zijn. En natuurlijk is er een categorie die de populaire bedevaartroute volgt uit religieuze overwegingen. Daartoe laatste rekent de 84-jarige Arnold van der Maat zich. Hij pelgrimeerde om heel persoonlijke redenen, zo verklaart hij aan de keukentafel in zijn woning aan de Buitendorpstraat in Zwammerdam. “Uit dankbaarheid dat haar een lijdensweg bespaard is gebleven.”

Met die ‘haar’ bedoelt hij zijn echtgenote Corrie van der Maat-de Wit. Die overleed in 2016 op 76-jarige leeftijd plotseling aan een hartstilstand. “Mijn moeder was een fitte vrouw, daarom was het ook zo’n grote schok voor ons,” vertelt dochter Trudy. “Je bent dan alleen en valt in een diep gat,” vult Arnold haar aan. “Ik heb wel hobby’s hoor. Fietsen doe ik graag, ik schilder, heb een moestuin en ik verzamel van alles.” Om die laatste liefhebberij aanschouwelijk te maken staat de krasse senior op en grist een porseleinen vingerhoedje van de kast. “Kijk,” gebaart hij trots, “daar heb ik er al 40 van.” De verzameling van de geboren Bodegraver groeit nog steeds, want in iedere plaats waar hij met vakantie komt, koopt hij zo’n kleinood. Het getoonde exemplaar komt uit – hoe kan het ook anders – Santiago de Compostela.

Bezinning en reflectie

Op verzoek verhaalt Arnold over wat hem ertoe bracht om aan een pelgrimstocht te beginnen. “Het begon bij mij te leven toen ik in Boskoop twee wandelaars zag met een vlaggetje op hun rugzak. Die waren onderweg naar Compostela en die heb ik toen de weg gewezen. Daarna ben ik zelf ook gaan wandelen. Ik begon met 5 kilometer. Daarna 8, 10, 20 en uiteindelijk 32 km per dag. Dan liep ik met mijn flesje water naar Woerden, Alphen of Reeuwijk.” 

Maar om in zijn eentje naar het Noord-Spaanse bedevaartoord af te reizen, zag Arnold niet zitten. Gelukkig bleek hij in de tussentijd ook dochter Trudy (54) en zoon Ronald (51) te hebben besmet met het wandelvirus. Die wilden hem wel vergezellen op zijn tocht. Het trio koos voor de laatste 130 van de in totaal 2400 kilometer (vanuit Nederland) met afwisselend harde klei, asfalt, grind en zand als ondergrond. “We hebben de zogenaamde ‘Franse route’ gelopen en zijn gestart in Samos (niet te verwarren met het Griekse eiland, red.),’’ zegt Trudy met de opengevouwen routekaart voor zich. 

En zes dagen wandelen biedt ruimte voor bezinning en reflectie. “Onderweg hebben we mooie gesprekken gevoerd,” bevestigt Trudy. Die gingen trouwens niet alleen over haar moeder, de tocht bood ook ruimte om gezamenlijk herinneringen op te halen.

Slingerend wierookvat

Zes dagen achtereen beenden de drie gemiddeld zo’n 20 kilometer per dag weg. “Na een paar dagen kom je in een soort cadans en gaat het steeds makkelijker,” merkten Trudy en haar vader. Zeker toen het einddoel in zicht kwam: Santiago de Compostela. De kathedraal maakte een verpletterende indruk op Arnold, vooral de afsluitende mis in het bomvolle godshuis met het 100 kilo zware wierookvat dat boven de kerkgangers slingerde. “Met zes mannen trokken ze het touw waar het wierookvat aan vastzat omhoog, zodat de wierook door de hele kerk ging,” klinkt het nog vol bewondering.

Om zijn zelfopgelegde taak te volbrengen liet Arnold vier kiezelstenen achter in de kathedraal. Eentje die zijn gestorven echtgenote symboliseert, de andere drie voor zijn drie schoonzussen. “Op die manier liet ik een last achter en was mijn taak volbracht.”

door Ad van den Herik

Arnold van der Maat onderweg.