
Burger en overheid verleiden tot gebruik olivijn
Algemeen DuurzaamBODEGRAVEN- REEUWIJK - Jennifer Verbaan en Martien Kromwijk van de lokale mijnklimaatpartij hebben tijdens de inspraakraad van vorige week een warm pleidooi gehouden voor het gebruik van olivijn.
door Bert Verver
Nu zal de naam olivijn bij velen nog onbekend klinken, maar het is een mineraal gesteente dat over de hele wereld aanwezig is en gemakkelijk kan worden gewonnen. Het gesteente is in vele vormen beschikbaar en kan zowel als stenen en vergruisd als korrelmateriaal en zand gebruikt worden.
Volgens de insprekers biedt het gebruik van olivijn veel voordelen omdat het bij regen kalk afgeeft waardoor verzuring wordt tegengegaan en het CO2 opneemt. Die gebonden CO2 wordt met rivierwater afgevoerd naar de oceanen waar het wordt opgeslagen waardoor het een bijdrage levert aan het tegengaan van de opwarming van de aarde.
De klimaatpartij wil zich de komende tijd sterk maken voor een vergroting van het gebruik van olivijn. Zij wil dat o.a. doen door de beschikbaarheid van het mineraal te vergroten via het aanbod door tuincentra en de introductie bij hoveniers. Ook wil de partij bij agrariërs en organisaties als Hortus Populus promoten het product in te zetten voor verbetering van de zuurgraad van de grond. Verder worden er kansen gezien door het voor particulier gebruik aan te bieden in kleinverpakkingen via bloemenwinkels en de KlimaatWinkel.
De insprekers riepen de lokale politici op om steun te verlenen aan het gebruik door de gemeentelijke overheid. Die zou olivijn kunnen inzetten in waterpartijen voor het voorkomen van blauwalg, als ondergrond bij parkeerplaatsen en verharding van paden. Dat laatste is overigens al gebeurd bij het verharden van een wandelpad in Nieuwerbrug en de Emmakade in Bodegraven.
Uit de beantwoording van vragen van raadsleden bleek dat de kosten van toepassing van olivijn vergelijkbaar zijn met die van de traditionele materialen en dat per kg olivijn netto 1 kg CO2 wordt gebonden. Volgens de insprekers kan het product als ‘gebiedseigen’ materiaal beschouwd worden omdat het ook in Duitsland wordt gewonnen. Daarbij wordt gezocht naar winplaatsen die een zo laag mogelijk percentage nikkel (dat in meer of mindere mate in olivijn aanwezig is) bevatten.