Felicitaties voor de 103- jarige Dirkje Geertruida Ravensberg-van Tol. Beeld: Marlien van Leeuwen
Felicitaties voor de 103- jarige Dirkje Geertruida Ravensberg-van Tol. Beeld: Marlien van Leeuwen

‘Ik waste met slootwater om zoveel mogelijk luizen kwijt te zijn’

Algemeen Human Interest

Felicitaties voor 103-jarige Dirkje Geertruida Ravensberg-van Tol

REEUWIJK-BRUG - Ze kwam op de wereld als oudste dochter uit een gezin dat uiteindelijk elf kinderen zou tellen. Haar vader was kennelijk een beetje van slag toen hij haar geboorte aangaf. Sinds die tijd staat er een verkeerde geboortedatum op haar geboorteakte. Niet de 11e, maar de 10e december 1919 werd Dirkje Geertruida van Tol in Hazerswoude-Dorp geboren.

door Marlien van Leeuwen

Dirkje hielp haar moeder met het verzorgen en opvoeden van alle broers en zussen die met elkaar op de open zolder van het kleine huisje sliepen. Ze leefden daar zonder stromend water - regenwater vond Dirkje toch veel lekkerder dan dat smaakloze water uit de waterleiding, dat pas veel later zijn intrede zou doen.

Het water voor de was kwam uit de sloot. De vieze was werd in een zinken wasteil ’s avonds op het petroleumstel gezet, waar de vier pitten het geheel verwarmden. De volgende morgen om 7.00 uur begon het stampen van de was. Met een zogeheten wasstamper werd de was door het hete sopwater van de teil geroerd en gestampt.

Thuis en buiten de deur

Dirkje stond niet alleen haar moeder bij met die grote kinderschaar, ze werkte ook nog buiten de deur. “Bij boer Groen,” schiet haar gelijk de naam van de boerenfamilie te binnen als haar dochter haar aan die periode herinnert. “Honderd emmers uit de sloot om te boenen en te wassen,” vertelt ze verder. En er werd meegeteld of het er echt honderd waren.

Vanuit de kerk ondersteunde ze ook een gezin waar beide ouders blind waren. “Ze hadden een stuk of vijf, zes kinderen en die zaten ónder de luis!” De gezichtsuitdrukking die erbij gepaard gaat, geeft aan hoe ongelooflijke veel het er geweest moeten zijn. “Dan waste ik ze en spoelde ze met veel slootwater af om er maar zoveel mogelijk kwijt te zijn. Maar er was geen beginnen aan, elke week zaten ze helemaal onder. Thuis kamde mijn moeder mijn haar met de netenkam in spiritus gedrenkt. Brr, wij wilden ze natuurlijk niet hebben. Stel je voor, ook wij woonden en sliepen dicht bij elkaar.”

Voor iedereen was er plek

Dirkje was 21 toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. “Vanaf het moment dat jonge mannen onderdoken om aan de Arbeidseinsatz te ontkomen, hadden wij ze ook in huis. Ze sliepen tussen ons in op de zolder. Op de fiets bracht ik ze dan naar het volgende onderduikadres. Heen vond ik het niet zo spannend als terug. Dan was ik alleen.” “Dan was ze kwetsbaarder, als ze opgepakt zou worden,” verduidelijkt haar dochter Gerda, de middelste van Dirkjes drie kinderen (de oudste is Elly en de jongste Wilco).

Proefstation

Dirkje trouwde met haar dorpsgenoot, Klaas Ravensberg. Toen hij een aanstelling bij het Boskoopse proefstation kreeg, verhuisden ze naar Boskoop. Het onderzoek naar onkruidverdelgers was een van zijn taken. Dirkje kan zich nog levendig herinneren hoe de kwekers allesbehalve blij waren met zijn waarschuwingen ten aanzien van het gif en hun gezondheid. “We werden nagescholden.”

Klagen? Dat kent ze niet

Positivisme is een woord dat bij deze vriendelijke 103-jarige op het lijf geschreven is. Met haar 99ste kreeg ze nog een nieuwe heup, ook al zagen de doktoren dat niet direct zitten. Tot 2 jaar terug spelde ze het AD van voor tot achter en elke puzzel erin loste ze op.

Het liefst was ze uit haar Boskoopse huisje in Snijdelwijk ‘weggedragen’, maar sinds april van dit jaar is ze toch naar de afdeling Ravensberg(!) van de Reehorst verhuist. “Het is hier gezellig en het eten is goed,” verzekert ze locoburgemeester Robin Kersbergen, die haar namens de gemeente met een bos bloemen kwam feliciteren.

Positivisme is een woord dat bij deze vriendelijke 103-jarige op het lijf geschreven is