
Sparen voor woningen
Algemeen Politici aan het woordIn heel Nederland is er al jarenlang een overschot aan stikstof. Dat is schadelijk voor de natuur. Hierdoor is het lastig om vergunningen af te geven voor de bouw van nieuwe woningen, want bij de bouw wordt stikstof uitgestoten.
Om dit probleem te lijf te gaan richten provincies zogeheten stikstofbanken op. Het zijn spaarbanken. Als er voldoende gespaard is, kunnen provincies bouwprojecten toestaan. Eén probleempje: dat kan alleen als er voldoende ‘ingelegd’ is en behoud van de natuur is geborgd. En wie kunnen de spaarbank vullen? Dat zijn de huidige stikstofproducenten. Naast Tata Steel en Schiphol zijn dat vooral de veehouderijen. Zolang deze grote vervuilers hun stikstofuitstoot niet drastisch beperken, kunnen de stikstofbanken niet worden gevuld en kunnen gemeenten hun bouwplannen wel in de ijskast leggen. Gelukkig beginnen het rijk en de provincies wakker te worden en te bedenken dat Schiphol het aantal vluchten moet beperken, dat Tata Steel de stikstofuitstoot moet verminderen en dat boeren de veestapel moeten reduceren.
Maar het is veel te vroeg om te juichen. De stikstofbanken zijn nog schrijnend leeg. We hebben er de afgelopen tientallen jaren zo’n potje van gemaakt, dat het nog een tijd duurt voordat we stikstof kunnen gaan ‘sparen’. Eerst moeten we zorgen dat de uitstoot zodanig vermindert dat de natuur er niet verder op achteruit gaat. Daarna kunnen we beginnen met sparen. En dan pas is er weer ruimte om de woningen te bouwen waar zo’n behoefte aan is.
Kunnen we dan in de tussentijd niets doen? Natuurlijk wel. Het CBS berekende dat er in Nederland 180.000 panden leeg staan. Ook in onze gemeente staan panden leeg. Of we kunnen bouwen met heel weinig stikstof, zoals bij houtskeletbouw. Tijd om gedurfde plannen te maken!