Afbeelding

Plantaardig

Duurzaam Tweespraak

Deze week voert Martien het gesprek naar een volgend onderwerp: eten. Voor het klimaat zou het goed zijn meer plantaardig te eten, toch blijkt dit in de praktijk niet zo populair. Hoe krijgen we mensen mee, vraagt Martien zich af.

Hoi Heidi,

Jij lijkt zo dol op klei en kunstmestkorrels, tja, ‘liefde maakt blind’ is de uitdrukking. Maar als je daardoor blijmoedig het klimaatpakket van de Landbouw Dialoog omarmt is het mooi meegenomen. Een gaaf lokaal initiatief! Ik volg al heel lang Joris Lohman. Hij heeft de Food Hub opgericht en was zelfs een tijdje in beeld als schaduwminister voor voedsel. Ik lees zijn nieuwste boek. Daarin komt hij tot de genuanceerde opvatting dat het niet alleen gaat om hoe voedsel geproduceerd wordt, maar ook wat wij willen consumeren, en hoe we voedselverspilling beperken.

Dus laten we het eens hebben over onze keuzes als burger, wat eten wij. Waarom eten wij zo veel dierlijke eiwitten – vlees, melk en kaas? Zou dat niet een onsje minder kunnen? Een populist zou zeggen: “Iedereen die niet voor zijn kinderen en kleinkinderen bereid is vegetarisch te eten moet zich kapotschamen!!!”

Om hun dierlijke eiwitten te produceren nemen dieren ongeveer zesmaal zoveel plantaardige eiwitten tot zich. Bijna 70 procent van de landbouwgrond in de wereld wordt gebruikt voor veevoer. En nog los van alle problemen met stikstof, broeikasgassen en water die dit veroorzaakt: we kunnen zelf ook uitstekend een veel groter deel van ons voedsel plantaardig kiezen.

Maar dat valt in de praktijk nog niet mee. Hoewel je veel mensen hoort zeggen dat ze minder vlees eten of ‘flexitariër’ zijn, neemt de vleesconsumptie ook in Nederland nog steeds toe. En bij de burgerbeweging mijnklimaatpartij is de groep ‘vegan’ niet bepaald de meest succesvolle. Hoe krijgen we hier dan beweging in Heidi? Hoe krijgen we het dan wel voor elkaar. En dan niet zeggen: ‘Wat de boer niet kent, dat eet-ie niet.’ Maar wat wel? Hoe dan?

Hartelijke groet,

Martien