Garantstelling voor kinderopvang?

Bij het eerste agendapunt boog de commissie zich over het voorstel om een garantstelling van 1,5 miljoen euro af te geven aan Quadrant Kinderopvang voor het realiseren van een kinderopvang in de Da Costaschool. Gezien de financiële positie van de gemeente is het volgens het college niet wenselijk daarvoor zelf een voorfinanciering te doen. Door de garantstelling is het voor Quadrant mogelijk om voor een periode van 40 jaar, uit eigen middelen of door het aantrekken van een lening, de voorziening te realiseren.


Hoewel het voorstel goed ontvangen werd, hadden een aantal fracties toch aarzelingen over de juridische en financiële kanten van de constructie, die mogelijk in de toekomst een blauwdruk kan zijn voor soortgelijke investeringen. Zo had Bert Oudenaarden (PvdA) uitgezocht dat de gemeente voor een bedrag van 100 miljoen euro aan garanties had uitstaan, met daaraan gekoppeld een jaarlijks risicoprofiel van 150.000 euro. “Een serieus bedrag,” vond Oudenaarden, die dan ook de behoefte uitsprak om op dat gebied beleid te formuleren. Reinoud Doeschot (GroenLinks) noemde het een creatieve oplossing, maar vroeg zich af wie verantwoordelijk was voor groot onderhoud. 


Niels van Vliet (SGP) sprak zijn tevredenheid uit over de samenwerking tussen de partijen, maar stelde vast dat er in een periode van 40 jaar veel kan veranderen. Die laatste zorg leefde ook bij andere fracties, maar wethouder Elly de Vries gaf in haar beantwoording aan dat daarover afspraken in de te maken overeenkomst zullen worden vastgelegd. De periode van 40 jaar sloot volgens haar aan bij de gebruikelijke afschrijvingstermijn voor scholen.


Aan het slot van de beraadslagingen plaatste Reinder van Meijeren (CDA) nog een kritische noot. Hij vroeg zich af waarom er geen gebruikgemaakt werd van bestaande garantiefondsen en was bang dat de constructie een prikkel zou zijn voor schaalvergroting op het gebied van kinderopvang. Hij werd door wethouder De Vries enigszins gerustgesteld, maar de CDA-fractie bleef haar aarzelingen over de financiële constructie behouden, waardoor het als bespreekstuk naar de raad zal gaan.