
Diamanten huwelijk Vink-De Frankrijker: ‘Het zat gelijk goed’
InterviewBODEGRAVEN – Het 60-jarig diamanten huwelijksjubileum van Martien (87) en Ria (86) Vink-de Frankrijker is het bewijs van een onverwoestbare en kostbare relatie. Locoburgemeester Dirk-Jan Knol kwam hen verblijden met felicitaties en bloemen.
door Elise van Oosten
“Binnen 5 minuten wisten we dat het goed zat”, lacht Ria met een twinkeling in de ogen. Martien was het er helemaal mee eens: “Ik vroeg haar voor ‘The Last Dance’ aan het einde van een dansavond. Eenmaal buiten maakten we na afloop nog een praatje en waren we allebei verkocht.” Dit praatje vond plaats op een zeer koude vijfde november in 1961, op het schoolplein tegenover het Parochiehuis (later Amicitia), waar zij zojuist hadden gedanst, in Reeuwijk-Dorp. “En ik weet nog precies hoe laat dat was: half tien”, deelde Martien met een knipoog mee. Hij vervolgde dat hij altijd op zijn Zündapp, zijn bromfiets, heen en weer ging. Er volgden vele dansafspraakjes.
Jong aan het werk
Al op veertienjarige leeftijd woonde Ria in bij een tante met vijf kinderen en werkte zij daar in de huishouding in Hazerswoude-Dorp. Nadat zij enkele jaren later ook nog bij een andere tante werkzaam was geweest, kwam zij in de horeca terecht, iets dat haar goed lag door haar gevoel voor humor en sociale vaardigheden. Martien werkte al jong op een boerderij in Zwammerdam. Door de jaren heen was het haar gelukt om 400 gulden te sparen, onder meer uit fooigeld, voor de aanschaf van een trouwjurk. Toch moest daar nog 100 gulden bij voordat de koop beklonken was. Zij verloofden zich in 1964.
Huwelijk
Woensdag 2 februari 1966 was de dag van het huwelijk. Dit vond plaats in Hazerswoude, waarbij nog enige paniek uitbrak: de trouwambtenaar bevond zich in de nieuwbouw van het gemeentehuis, terwijl Martien en Ria op hem wachtten in het oude, bestaande gedeelte. Verwarring alom, maar het kwam allemaal goed. Na het trouwen betrokken zij een woning met tuin aan de Sportlaan. Zij kregen twee kinderen, later gevolgd door twee kleinkinderen en twee achterkleinkinderen.
Bekend gezicht
Martien had zijn boerenbestaan na 15 jaar ingewisseld voor een baan bij de gemeente Bodegraven, in Algemene Dienst. Hieronder vielen vele afwisselende taken, van de vuilophaaldienst tot het parkeren van auto’s van handelaren op de wekelijkse kaasmarkt. Maar liefst 35 jaar was hij daar werkzaam, tot aan de pré-VUT-leeftijd in 1999. “Veel Bodegravers kennen en herkennen mij nog door het hebben van die baan”, zo stelt Martien.
Tenor
Martien bleek een mooie tenorzangstem te hebben en sloot zich in 1955, op 17-jarige leeftijd, aan bij Herenkoor St. Caecilia. In 2025 werd hij daar tot erelid benoemd, na 70 jaar lidmaatschap en zangplezier. Regelmatig mocht hij de solopartij voor zijn rekening nemen. “Daar ontstond wel wat afgunst over, maar ja, zo gaat dat nu eenmaal”, aldus Martien. De oude opnamen worden nog regelmatig beluisterd. “Ik vond het alleen niet goed dat ze hem daar ‘Tinus’ gingen noemen. Nee, dat wilde ik niet, het moest ‘Martien’ blijven en niets anders”, lachte Ria.
Als lid van de personeelsvereniging was er ook regelmatig vertier, zoals een dagje weg met familie en collega’s. Daarnaast hielden zij een volkstuin aan, niet ver van huis. Die vroeg weliswaar veel werk, maar leverde ook veel op. Vakanties werden doorgebracht in Luxemburg, Frankrijk of Duitsland; dat wisselde af. Tot op de dag van vandaag wonen zij met veel plezier aan dezelfde Sportlaan, met prettige contacten met buurt en buurtbewoners.