Boris is het sociaal team van de gemeente waar inwoners terecht kunnen voor jeugdzorg en Wmo. Beeld ter illustratie.
Boris is het sociaal team van de gemeente waar inwoners terecht kunnen voor jeugdzorg en Wmo. Beeld ter illustratie. Foto: Envato Elements

Boris laat nog beperkt resultaat zien

BODEGRAVEN-REEUWIJK – Om onder andere de kosten in het Sociaal Domein aan te pakken heeft gemeente Bodegraven-Reeuwijk in 2025 het sociaal team omgedoopt tot het nieuwe team ‘Boris’. Hier kunnen inwoners terecht voor jeugdzorg en de Wmo. Na een jaar is nog steeds werk aan de winkel.

De grootste uitdaging voor Boris ligt op het gebied van de jeugdzorg. Met het project ‘Consulent kind en jeugd’ wil de gemeente het aantal verwijzingen naar jeugdhulpaanbieders in 2026 met 20 procent is gedaald het aantal aanvragen via Boris met 15 procent. Uit de update van het college aan de gemeenteraad blijkt dat de medische verwijzingen via bijvoorbeeld de huisarts in 2025 met 12-13 procent afgenomen, dus dat gaat de goede kant op. Maar het aantal andere verwijzingen en aanvragen zijn in het afgelopen jaar nagenoeg gelijk gebleven.


Verder heeft Boris een pakket gemaakt met preventieve en ondersteunende maatregelen gemaakt om (zware) jeugdzorg terug te dringen en is het Steunouderproject gestart, waarbij gezinnen kinderen één à twee dagdelen per week opvangen om ouders tijdelijk te ontlasten. In het eerste jaar zijn negen steunoudergezinnen geworven en negen succesvolle matches gerealiseerd. 


Verder is gemeente aangesloten bij het Scheidingsplein, dat ouders en kinderen helpt na echtscheidingen. Ten slotte wordt programma ‘Join Us’ tegen eenzaamheid onder jongeren gewaardeerd door de deelnemers, maar het online gedeelte komt niet van de grond. Er is ook weinig instroom van nieuwe jongeren.


Wmo

Op het gebied van de Wmo is het aantal cliënten iets gestegen, maar ziet het er voor 2026 voorlopig goed uit. In 2024 kwamen er meer nieuwe cliënten binnen dan eruit gingen, waardoor er wachtlijsten ontstonden. Eind 2025 zijn er juist meer mensen die geen hulp meer nodig hebben dan nieuwe hulpvragers.