Guillaume Groen van Prinsterer (door Dirk Sluyter).
Guillaume Groen van Prinsterer (door Dirk Sluyter). Foto: Rijksmuseum
Openbaar Verleden

Groen van Prinsterer: een invloedrijk denker met een groot inzicht

Historie Openbaar Verleden

REEUWIJK-BRUG – De Groen van Prinstererlaan kwam afgelopen week nog in het nieuws, toen de gemeente de kruising met de Raadhuisweg liet aanpassen vanwege haar onoverzichtelijkheid. Maar wie was de man naar wie deze straat is vernoemd eigenlijk? Guillaume Groen van Prinsterer was een 19de eeuwse politicus, historicus en een van de invloedrijkste protestantse denkers van zijn tijd.

Hij werd op 21 augustus 1801 geboren in Voorburg, als zoon van Petrus Jacobus Groen van Prinsterer en Adriana Hendrika Caan. Hij groeide op in een welgesteld, verlicht-conservatief Waals-hervormd gezin en kreeg daarmee toegang tot de bestuurlijke elite van zijn tijd. Na zijn studie rechten en letteren in Leiden begon hij een loopbaan dicht bij de macht. Van 1829 tot 1836 werkte hij als kabinetssecretaris van koning Willem I.

Toch zou zijn naam vooral voortleven door zijn ideeën. Groen leefde in een eeuw van revoluties, liberalisering en snelle maatschappelijke veranderingen. Hij verzette zich tegen wat hij de “revolutiegeest” noemde: het denken dat volgens hem de samenleving losmaakte van geloof, traditie en historisch besef. In 1829 begon hij anoniem met het blad Nederlandsche Gedachten, waarin hij ageerde tegen revolutionaire invloeden en pleitte voor een nationale identiteit waarin protestantisme en het Huis van Oranje een centrale plaats hadden.

Antirevolutionair

Daarmee werd hij de geestelijk vader van een politieke stroming die later bekend zou worden als antirevolutionair. Dat betekende niet dat Groen tegen elke verandering was, maar wel dat hij vond dat politieke vernieuwing moest wortelen in christelijke beginselen. Zijn bekende drieslag “God, Nederland en Oranje” werd later breed overgenomen in protestants-christelijke kring.

Als schrijver kreeg hij grote invloed. In 1846 verscheen zijn ‘Handboek der geschiedenis van het vaderland’, waarin hij de Nederlandse geschiedenis uitlegde vanuit een protestants en orangistisch perspectief. Een jaar later volgde zijn bekendste werk: Ongeloof en Revolutie. Dat boek was tegelijk historische analyse en politiek manifest. Groen stelde dat staten die zich losmaken van God en morele grenzen uiteindelijk uitkomen bij willekeur of tirannie. Tegenstanders vonden zijn visie te dogmatisch, aanhangers zagen hem als principiële denker in een tijd van politieke verschuivingen.

Ook in Den Haag liet hij zich gelden. Groen was lid van de Kamer van Grondwetsherziening in 1840 en zat later van 1849 tot 1857 en van 1862 tot 1866 in de Tweede Kamer. Daar werd hij een scherp debater en een vasthoudend oppositieleider. Historici zien hem als een van de politici die hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van een parlementaire debatcultuur in Nederland. Hij botste geregeld met zijn vroegere studiegenoot Johan Rudolph Thorbecke, architect van de liberale grondwet van 1848.

Onderwijs

Een belangrijk thema voor Groen was onderwijs. Hij vond dat ouders recht hadden op scholen die aansloten bij hun geloofsovertuiging. In een tijd waarin de overheid vooral het openbaar onderwijs bepaalde, was dat een principieel standpunt. Groen legde daarmee de basis voor de latere schoolstrijd, die pas tientallen jaren later werd beslecht met financiële gelijkstelling van openbaar en bijzonder onderwijs.

Minder bekend is dat Groen ook uitgesproken tegenstander was van slavernij. Hij zette zich in voor afschaffing in Oost en West en was voorzitter van een staatscommissie over dat onderwerp. Concrete resultaten bleven in zijn tijd beperkt, maar zijn standpunt was duidelijk.

Politiek bleef Groen vaak geïsoleerd. Hij had bondgenoten, maar nog geen echte partijorganisatie achter zich. Zelf sprak hij de beroemde woorden: “In ons isolement ligt onze kracht.” Pas na zijn dood kreeg zijn beweging vaste vorm. Groen overleed op 19 mei 1876 in Den Haag. Drie jaar later werd de Anti-Revolutionaire Partij opgericht, de eerste landelijke politieke partij van Nederland. Abraham Kuyper bouwde voort op het fundament dat Groen had gelegd en werd later minister-president.