<p>Nico van den Bos is de huidige molenaar van de Oukoopse molen aan de Prinsendijk.</p>

Nico van den Bos is de huidige molenaar van de Oukoopse molen aan de Prinsendijk.

(Foto: )

Door de eeuwen heen: acht molenaars in de familie

OUKOOP

Aan de Prinsendijk staat de Oukoopse Molen, een zogenaamde wipmolen. Gebouwd in de 17de eeuw voor het bemalen van Polder Oukoop, een gebied van zo’n 239 ha groot. Nico van den Bos is de huidige molenaar. De achtste in zijn generatie die het vak van molenaar verstaat. Als je de lucht kunt lezen en van techniek houdt, is het een prachtig vak. 

door Marlien van Leeuwen

In vroegere tijden moet dat anders geweest zijn. Een karig loon in een vochtige en ’s winters ijzig koude molen. Ongezonde omstandigheden; er stierven dan ook heel wat kinderen op jonge leeftijd. Dat was toen. Tegenwoordig is het vak van molenaar eerder een passie. Eén met de natuur en de techniek van het eeuwenoude systeem van hout en ijzer wat aangedreven wordt door de wind. En er zo voor zorgt dat we droge voeten houden.

Ontvening

Na de ontvening werden de plassen drooggemalen. In de eerste plaats om dijkdoorbraken bij storm tegen te gaan en tegelijkertijd kwam er nieuw land voor de landbouw. Nico: “Hoge heren kochten de grond en verpachten het aan de boeren. Zo verdienden zij goud geld. Net naar gelang het oppervlakte en de diepte van de plas werden er verschillende molens achter elkaar in dezelfde watergang ingezet om te malen. De zogenaamde molengangen. Met elkaar maalden de molens trapsgewijs de hoogteverschillen - van hooguit 1.75 m per molen - van het water weg.

Als kind al

Als 10-jarig jochie ging Nico al met zijn vader naar de molen. Rommelen in de moestuin die ernaast lag en onderwijl de draaiende molen in de gaten houden. Nico: “Mijn vader wist verschrikkelijk veel van het weer. Dat had hij weer van zijn vader geleerd en zo is dat acht generaties lang van vader op zoon overgegaan. Als mijn opa ook
’s nachts moest malen, moest mijn vader opletten terwijl opa lag te slapen. Als er dan echt iets aan de hand was moest hij opa direct waarschuwen.

In de Oukoopsemolen ligt een fotolijst op tafel klaar met al de molens waar verschillende generaties Van den Bos molenaar waren. Het begint bij Frans Hendrik die van 1775 tot 1804 op de Hoekeindse molen in Bleiswijk molenaar was. Zijn zoon Dirk werd molenaar op C1 (van 1787-1828) van die molenviergang en zijn zoon Hermanus werd molenaar op de C2. Er waren zelfs molengangen van zeven molens bij gigantische droogmakerijen. Arie, de zoon van molenaar Dirk (1787-1828) nam het van zijn vader over in 1833 (tot 1865).” 

Dan missen we een aantal jaren? Nico: “Ook molenaarsvrouwen bedienden de molens wel. Molenaarszonen trouwden vaak met molenaarsdochters. Dus ook vrouwen wisten er veel vanaf. Alleen mochten getrouwde vrouwen in die tijd niet werken. Vandaar dat vrouwen niet als molenaars genoemd worden in de geschiedenis. “De volgende Van den Bos die molenaar werd, was Klaas. Hij was molenaar op de ondermolen van de Tweemanspolder bij Zevenhuizen van 1875 tot 1914. Arie was molenaar van 1898 tot 1914 op de Bieslandse molen in Delft. Op de foto is duidelijk te zien dat er een boerderij naast de molen staat. Voor de broodnodige extra inkomsten. Nog een leuk weetje, in die tijd was er nog geen telefoon dus had het polderbestuur een bode in dienst die de berichten bij de molenaars moest brengen. En uiteraard moesten de doorgang van de sloten onderhouden worden. Nico: “Waterplanten, riet alles met de hand.”

Jubileum

Nico’s opa Klaas was molenaar van 1927 tot 1946 bij de Driemanspolder van Leidschendam. Nico: “Opa zag de bui al hangen, hij begreep dat de elektrische gemalen de door wind aangedreven molens langzaam over zouden nemen. Hij solliciteerde niet tevergeefs voor machinist op het watergemaal bij Stompwijk. De molens werden inderdaad in 1952 stilgelegd. Vanaf 1972 is mijn vader Arie van de Bos weer elke maand als vrijwillige molenaar gaan draaien op de middelste molen van de Driemanspolder in Leidschendam. Na 4 jaar is hij naar de bovenmolen gegaan (die waar zijn vader ooit molenaar was). Daar heeft hij tot 1986 gedraaid. Komende oktober ben ik alweer 25 jaar als vrijwillige molenaar in dienst.”

Nooit was het goed

Molens, monumenten die met regelmaat malen zodat ze in goede conditie blijven en ingezet kunnen worden bij hoge nood. Nico: “Vroeger had de molenaar geen inbreng. Het polderbestuur of de boeren besloten of er gemalen werd. Nooit was het goed. Of ze maalden niet hard genoeg of gingen niet lang genoeg door. Altijd dicht bij je werk 24/7.” Eén van de voorouders van Nico had vijftien kinderen. Dan was de oudste de deur al uit voor de jongste geboren werd. De stamboom laat zien dat er ook heel wat overleden op relatief jonge leeftijd.

Als (gediplomeerd) molenaar kent Nico alle verbindingen bij naam. De onder- en de bovenas van de wieken. De koningspil die uiteindelijk het waterrad aandrijft. De kammen en staven van het onderwiel en onderschijf. Nico: “Als er wat gerepareerd moet worden, moet je het wel kunnen benoemen aan de molenmaker.”

Vriend of vijand

“De molen is je grootste vriend maar ook je grootste vijand. Met onweer (blikseminslag!) of storm kan de molen heel wat schade oplopen. Soms kan het weer zo heftig zijn, wat vooraf niet te voorspellen is.” 

Tijdens het interview staat Nico telkens even op om uit het raam te kijken. Nico: “Je kunt het aan de trekrichting van de wind al zien of de bui wegtrekt of niet. Buienradar is globaal. Je kunt nooit zeggen of je hem krijgt of niet. Je moet de lucht lezen. Rijst de wind (neemt deze in kracht toe, red.) dan moet je zwichten (zeilen oprollen, red.). Soms twee schuine punten (of vier) van het zeil oprollen en daarbij moeten de tegenovergestelde wieken altijd gelijk zijn. Met zwaar weer moet alles eraf. Bij klam broeierig weer kan de bui niet uitblijven. De molen gaat dan onregelmatig lopen. Heb je te veel zeil, dan gaat de molen aan de kletter. En krijg je de vang (de rem, red.) er nooit meer op. En als hij eenmaal gaat, heb je schade tot je as aan toe. Met de natuur valt niet te spotten.”


‘Buienradar is globaal. Je moet de lucht lezen’

Meer berichten