Logo kobr.nl

Knellende zaken krijgen aandacht in bestemmingsplan Buitengebied

Bodegraven-Reeuwijk - De commissie Ruimte vergaderde vorige week over een aantal onderwerpen, waaronder het bestemmingsplan Buitengebied 2019. De commissieleden toonden zich na de behandeling tevreden over de partiële herziening van dit bestemmingsplan, nadat allerlei reacties van belanghebbenden de revue hadden gepasseerd.

Tijdens de planprocedure bij het vaststellen van het bestemmingsplan Buitengebied 2019 was een groot aantal bedenkingen en inspraakreacties ingediend door belanghebbenden. Het ging daarbij om circa dertig dossiers. Een groot aantal gevallen kon in overleg met de betrokkenen worden opgelost en hebben een verbeelding gekregen in het bestemmingsplan. Uiteindelijk werden er, na de ter inzagelegging dit voorjaar, nog elf zienswijzen ingediend en drie reacties uit het vooroverleg. Drie zienswijzen, die met name betrekking hebben op enkele percelen in de Meije, is dusdanig complex dat besloten is deze buiten de nu aangeboden herziening te laten.

De commissieleden zijn in het algemeen tevreden met de wijze waarop de nog liggende kwesties zijn afgehandeld. Jan Bouwens (PvdA) en Merel van Dijk (GroenLinks) vroegen zich in algemene zin wel af waar de gemeente nu eigenlijk naar toe wil met het Buitengebied, een vraag die ook al bij de behandeling van het bestemmingsplan van meerdere kanten is gesteld. De raad kan naar verwachting na het zomerreces een procesvoorstel verwachten omdat dan, volgens wethouder Van den Heuvel, ook gewerkt zal gaan worden aan het opstellen van één bestemmingsplan Buitengebied.

De zorgvuldige aanpak waarvoor het college had gekozen en het overleg dat met de belanghebbenden had plaatsgevonden sprak de commissieleden erg aan. Elly de Vries (D66) noemde het fijn dat knellende zaken, die destijds onvoldoende aandacht hadden gekregen nu zijn opgepakt. Wethouder Jan Leendert van den Heuvel stelde nog dat het een hele uitdaging is geweest, maar is blij met het bereikte resultaat. Een vraag van Merel van Dijk of er veel bebouwde oppervlakte is bijgekomen, beantwoorde hij positief, maar wel met de opmerking dat het binnen de in het bestemmingsplan afgesproken grenzen blijft. Het voorstel om de partiële herziening goed te keuren wordt als hamerstuk aan de raad aangeboden.

Verouderde bedrijfsbebouwing

Op een perceel Noordzijde ten oosten van huisnummer 76 staat een buiten gebruik geraakte landbouwschuur. Mede als gevolg van onderhandelingen rond de uitbreiding van de begraafplaats Vredenhof stelt het college een partiële herziening voor van het bestemmingsplan Buitengebied Noord. Deze herziening maakt het mogelijk om ter plekke een nieuwe woning te bouwen. Roger Friedrichs (GroenLinks) en Jan van Rooijen (CDA) zien in de plannen een kwaliteitsverbetering, maar Henk van der Smit (SGP) gooide een steen in de vijver door te stellen dat het over de sanering van een bouwoppervlak van 250 m2 ging, terwijl voor toepassing van de Ruimte voor Ruimteregeling 1000 m2 nodig is. Ook hij ziet in dat er wel sprake is van een kwaliteitsverbetering, maar vraagt om een betere motivatie om te voorkomen dat het voorstel een precedentwerking schept.

De opmerkingen van de raadsnestor bleken een wake up-call te zijn voor de sprekers na hem en Elly de Vries vroeg ook nog hoe het zit met de mogelijke aanleg van een rondweg op die plek. Wethouder Jan Leendert van den Heuvel wees er in zijn beantwoording op dat de Ruimte voor Ruimteregeling is versoepeld, waardoor de gemeente meer speelruimte heeft om een eigen afweging te maken. Hij gaf de commissieleden mee dat de woning wel aan een aantal stringente eisen zal moeten voldoen en dat ook rekening gehouden moet worden met de aanleg van een rondweg. Hij wees er daarbij op dat er tegen het plan geen zienswijzen zijn ingebracht, maar dat het uiteindelijke plan nog door de dorpsbouwmeester wordt beoordeeld. Helemaal tevreden was de commissie nog niet en Henk van der Smit benoemde nog dat het bij de provincie gaat om een afweging van ruimtelijke kwaliteit versus economische waarde. Ten aanzien van het provinciale standpunt ziet de wethouder ruimte in het bestemmingsplan, maar hij zegde nog voor de raadsvergadering een memo toe over het door Van der Smit aangevoerde punt.

Vlietkade

Vorige week hebben wij uitgebreid verslag uitgebracht van de verwikkelingen rond de bouw van een drietal nieuwe woningen aan de Vlietkade. De bewoners hadden tijdens de inspraakraad gewezen op de knellende parkeersituatie voor de bewoners daar. En de bewoner van Vlietkade 1 had bedenkingen tegen de nieuwbouw op het perceel naast zijn huis. Die nieuwbouw is inmiddels door de voorzieningenrechter stilgelegd op puur formele gronden, want de ruimtelijke afweging is akkoord bevonden. Kort samengevat had de procedurefout betrekking op het feit dat de raad niet expliciet had ingestemd met het afgeven van een verklaring van geen bedenkingen.

De koper van de nieuwbouwwoning Vlietkade 1a had vorige week een oproep gedaan om de procedurefout zo snel mogelijk te herstellen, zodat de bouw weer ter hand genomen kon worden. Hij werd op zijn wenken bediend, want de commissie kreeg een raadvoorstel voorgelegd om de procedurefout te repareren. De commissieleden hadden daar geen moeite mee, maar wilden nog wel wat meer weten over de parkeersituatie ter plaatse, hoewel dat geen onderdeel van de besluitvorming was. Wethouder Jan Leendert van den Heuvel erkende dat er rond de Vlietkade sprake is van een parkeerprobleem, maar gaf ook aan dat dat geen bijzonderheid is bij een oude bebouwing en dat daarom de normen die voor het parkeren bij nieuwbouw gelden niet zomaar toegepast kunnen worden. Hij hoopt dat bij een herinrichting van het nabij gelegen Versluysterrein een verbetering van de situatie kan worden bereikt en wil graag met de bewoners in gesprek blijven. Overigens blijkt uit een ambtelijke toelichting dat door een herschikking van parkeerplaatsen er 6 plaatsen bij komen en dat voor de nieuwbouw van 5 jaar geleden er ook 5 plaatsen zijn gerealiseerd. Het reparatievoorstel zal als hamerstuk naar de raad gaan.

Van Tolstraat

Het college vraagt aan de raad een krediet van 37.500 euro voor onderzoek naar de herontwikkeling van de panden Van Tolstraat 25 t/m 29 en het recent leeggekomen café Lowlands. Dit centrumgedeelte verloedert al jaren en is op zich een kansrijke ontwikkellocatie die echter maar niet van de grond wil komen. De gemeente is in goed overleg met de eigenaren bezig om te kijken welke wegen tot een oplossing kunnen leiden. De commissieleden waren vooral benieuwd of de ondernemers ook een duit in het zakje doen en uit de beantwoording van wethouder Van den Heuvel bleek dat dit zeker het geval is. Ook gaf hij aan dat het geld teruggehaald wordt als de mogelijkheid zich voordoet, maar dat het krediet voor een groot deel bestemd is voor de verrekening van ambtelijke inzet. Uit welk potje het krediet betaald zou moeten worden, bleef nog even onduidelijk, maar daar zal in de raad ongetwijfeld een oplossing voor worden gevonden.

In een latere toelichting gaf wethouder Kees Oskam aan dat er al jaren door de eigenaren wordt geprobeerd iets op deze locatie te ontwikkelen, maar dat dit telkens niet haalbaar bleek. In een gesprek heeft de gemeente aangeboden om als neutrale partij te kijken wat er mogelijk is. ''Het is zeker dat op de begane grond commerciële ruimten zoals winkels moeten komen en daarboven wonen. Maar het zal nog een hele puzzel worden om er een haalbaar plan voor de maken." Of zoals de burgemeester erover zei: "We hebben als college een steen in de vijver gegooid om zaken in beweging te brengen." Er is een paar maanden geleden een voorbereidingsbesluit genomen om een ontwikkeling in gang te kunnen zetten.

Tekst: Bert Verver/Paul Engels

Meer berichten