
Meertaligheid
Algemeen Politici aan het woordRuim 22 jaar geleden stonden mijn man en ik voor de beslissing om onze kinderen wel of niet tweetalig (Pools-Nederlands) op te voeden. We hadden ons uitgebreid laten voorlichten en het toenmalige advies luidde: niet doen, de kinderen gaan op latere leeftijd de grammatica door elkaar halen, daar komen problemen van. Bovendien moest mijn man zich de Nederlandse taal nog beter eigen maken.
Tegenwoordig wordt over meertaligheid heel anders gedacht. Zo is bewezen dat meertalige kinderen een grotere taalvaardigheid hebben dan eentalige kinderen. Bovendien heeft het gebruik van de thuistaal (moedertaal) een positieve invloed op de ontwikkeling van een tweede of derde taal. En wat ik een hele belangrijke vind: de thuistaal erkennen is cruciaal voor een gezond pedagogisch klimaat.
Daar ligt een mooie taak voor iedereen die betrokken is bij het onderwijs aan kinderen. De thuistaal gebruiken in de klas helpt kinderen om zichzelf te zijn, gezien te worden, erbij te horen én te leren. Zo was er een leerkracht op een basisschool die een Chinese leerling het antwoord op een vraag in het Chinees liet vertellen. In het Nederlands lukte dat nog niet goed en leek het alsof hij het antwoord niet wist. Je zag hem opbloeien toen hij in zijn moedertaal kon reageren. De klas begreep natuurlijk niets van het antwoord, maar de juf gaf hem aandacht, zág hem en erkende zijn identiteit. Hoe eenvoudig en zo mooi! Dat heeft ook met kansengelijkheid te maken én met een inclusieve samenleving. Meertaligheid is geen barrière, maar een rijke bron!
Overigens is het goed gekomen met onze kinderen, met vertaalapps kom je ook een eind.















