Hoe het voortgezet onderwijs verdween uit ons dorp | KOBR: het nieuws uit Bodegraven-Reeuwijk
Foto:
Verhalen uit het archief

Hoe het voortgezet onderwijs verdween uit ons dorp

  Historie

Al aan het begin van de negentiende eeuw was er een vorm van voortgezet onderwijs in Bodegraven. Die begon openbaar en ontwikkelde zich vervolgens langs de religieuze zuilen tot in 2013 de laatste school met voortgezet onderwijs in Bodegraven haar deuren sloot.

De openbare school van meester P. Kapteijn en zijn opvolger G. de Jager was de enige school voor de 200 á 300 kinderen van Bodegraven. De Jager stond bekend als een uitmuntende onderwijzer en gaf ook Franse les. Deftige Bodegraafse kinderen gingen niet naar deze dorpsschool, maar bezochten de zogenaamde ‘Roomse’ kostschool in Bodegraven. Op deze kostschool kregen kinderen van goede huize een opvoeding die bij hun stand hoorde, zoals Franse les. De school werd dan ook de ‘Franse school’ genoemd.

Het gemeentebestuur besloot in 1871, na het afbranden van de kostschool, om zelf een school voor meer uitgebreid lager onderwijs (mulo) te stichten. In het nieuw gebouwde raadhuis aan de Van Tolstraat was ruimte over, en hier begon onderwijzer J. Cremer in 1872 met het mulo. Aangezien er veel leerlingen op dit onderwijs afkwamen, werd in 1888 een nieuw gebouwtje achter het gemeentehuis gebouwd, dat in opvolging van de kostschool al snel de naam ‘Franse school‘ kreeg. Nadat in 1902 voor het openbare onderwijs een nieuw schoolgebouw werd opgetrokken aan de Kerkstraat, verhuisde de mulo naar deze Erasmusschool.

Protestants-christelijk onderwijs
Ook de oprichters van het protestants-christelijk onderwijs breidden hun lespakket al snel uit. De school, die van oorsprong alleen voor lager onderwijs bedoeld was, werd uitgebreid tot lager en ‘uitgebreid lager onderwijs’ (ulo). Het aantal leerlingen bleef groeien. Daarom werd in 1903 in de Spoorstraat de Da Costaschool gebouwd (nu het parkeerplaatsje) en volgde in 1910 de Groen van Prinstererschool aan de overkant van de straat. Later volgde ook nog de Verhoeff Rollmanschool op hetzelfde terrein. De Groen van Prinstererschool kreeg direct al de rol van mulo toegewezen, wat betekende dat er in plaats van zes leerjaren, negen leerjaren waren. De school bestond uit vier lokalen en stond onder leiding van P. Maaskant. Het lager onderwijs werd ondergebracht bij de twee andere scholen en de Groen van Prinstererschool ging door met het mulo.

De groei ging steeds door, zodat in 1949 de christelijke mulo verhuisde naar de bovenbouw van de openbare Erasmusschool aan de Kerkstraat om ruimte te geven aan de lagere scholen. In 1957 volgde nieuwbouw aan de Willem de Zwijgerstraat.

Les in naaien en koken
Een groep dames nam in Bodegraven in 1919 het initiatief om te starten met een opleiding voor meisjes in de edele kunst van naaien en later ook in andere huishoudelijke taken zoals koken. In 1929 kon men eigen lokalen betrekken in het nieuwe gebouw Rehoboth. Het gebouw werd de eerste jaren gedeeld met de Hervormde Kerk als vergadergebouw. Na 1947 werd het hele gebouw ingenomen door de Christelijke Nijverheidsschool voor meisjes. Bijzonder is dat het bestuur tot die tijd alleen uit dames bestond. Later komt men onder de overkoepeling van het CNS (zie foto). Omdat het nijverheidsonderwijs het in de moderne tijd moeilijk kreeg, besloot men in 1982 te fuseren met de christelijke mavo tot scholengemeenschap De Eendracht. Helaas mocht dit niet meer baten. Het nijverheidsonderwijs verdween.

Ook een rooms-katholieke ulo
Naast onderwijs hadden de zusters Franciscanessen ook een pensionaat voor vooral schipperskinderen opgericht, die naast de kinderen uit het dorp de klassen bevolkten. Er kwam ook een opleiding in huishoudvakken bij en in 1918 werd gestart met het uitgebreid onderwijs voor veertig meisjes, vooral uit het pensionaat. In 1927 mochten ook jongens het ulo volgen in de nieuwe Sint Josefschool. In 1965 kwam er een nieuw schoolgebouw dat bestuurd werd door de Stichting Katholiek Onderwijs.

Na de sloop van het pensionaat van de zusters viel ook het mavo-gebouw onder de slopershamer. De school verhuisde naar het gebouw van de Groen van Prinsterer mavo aan de Willem de Zwijgerstraat en fuseerde met Het Anthoniuscollege. Helaas is na diverse pogingen om het voortgezet onderwijs voor Bodegraven te behouden definitief het doek gevallen. De leerlingen moeten dit onderwijs buiten Bodegraven zoeken.

 Door Cock Karssen

Meer berichten