Logo kobr.nl
Gebarentolk Miranda Spijkhoven en haar echtgenoot Edwin Kooijman.
Gebarentolk Miranda Spijkhoven en haar echtgenoot Edwin Kooijman. (Foto: Marlien van Leeuwen)

'De inzet van een gebarentolk kan van de wieg tot het graf'

  Human Interest

REEUWIJK - Sinds de persconferenties van Mark Rutte weet iedereen wie Irma Sluis is. Hoe belangrijk zij voor doven is, besef je echter niet direct. Tot je in gesprek bent met de Reeuwijkse gebarentolk Miranda Spijkhoven en haar echtgenoot Edwin, die sinds zijn geboorte doof is. Dan dringt het tot je door hoe raar het eigenlijk is dat er zo weinig aandacht voor hen is. Zij hebben tenslotte net zo goed het recht om het nieuws te volgen.

We zitten in een driehoekssetting, zo kunnen we elkaar aankijken. Alhoewel Edwin doof is, kan hij wel praten. En dan ook nog met het juiste volume, niet te hard. Edwin was thuis als enige doof. Zijn moeder heeft hem geleerd wanneer je zacht en wanneer je harder moet praten: in gezelschap, als de afzuigkap aanstaat, enz. Zo heeft elke gelegenheid een specifiek stemvolume nodig. Ze leerde hem de deuren (ook die van kastjes, auto’s, enz.) zachtjes dicht te doen en iedereen gedag te zeggen, ook als hij omgekeerd het 'hallo' niet terughoort. Ze leerde hem heel veel sociale vaardigheden aan die voor iemand die kan horen zo vanzelfsprekend zijn.

Doofstom
Doofstom betekent dat iemand die doof is (niet kunnen horen) ook stom is (niet kunnen praten). Dat is heel wat anders dan dom, wat mensen vaak ten onrechte denken. Dat dove mensen daarover gefrustreerd zijn, zit diep geworteld. Van oudsher waren de doven een deel van de bevolking dat niet echt meedeed. Lange tijd beslisten horenden voor doven. Kinderen gingen naar een internaat waar het verboden was om onderling gebarentaal te gebruiken. In het weekend mochten de kinderen naar huis en daar was buiten het gezin vrijwel niemand met wie ze konden communiceren. Hun wereld bleef klein.

Edwin: “Tijdens een van mijn sollicitaties werd mij de vraag gesteld waarom ik daar kwam solliciteren. Zou ik niet beter bij een sociale werkplaats aan kunnen kloppen? Woest was ik. Ik ben misschien doof, maar kan verder gewoon functioneren!”

Hoe word je gebarentolk?
Miranda: “Bij mijn opleiding tot laborante was er een doof meisje in onze klas. We reisden samen met de trein van Gouda naar Rotterdam. Ik ben toen een cursus gebarentaal gaan volgen. Zo konden we toch met elkaar communiceren. Beide zijn we geslaagd en als laborant aan het werk gegaan. Jaren later kwam ik haar weer tegen. Op haar vraag of ik mijn werk leuk vond, antwoordde ik met een spontaan ‘nee’. Zij stimuleerde mij naar de opleiding voor gebarentolk te gaan, een vierjarige HBO-opleiding die in Utrecht gegeven werd. Ons jaar was de eerste officiële lichting - dat geeft maar aan hoe weinig aandacht er tot dan toe was voor doven en slechthorenden. Het was een pittige opleiding. Vakken als 'Grammatica van gebarentaal', 'Algemene taalwetenschappen', 'Ontwikkelingspsychologie', 'Logopedie' en 'Tolktechnieken' kwamen uitgebreid aan bod. Na het examen kon ik gelijk aan de slag. Werk genoeg. Sinds 2003 heb ik mijn eigen bedrijfje."

Miranda: “De inzet van een gebarentolk is heel divers. Eigenlijk van de wieg tot het graf. Bij aangifte van geboortes, bij huwelijken, bij uitvaarten... overal kan ik voor gevraagd worden. Ziekenhuisbezoeken, kerkdiensten, rechtbanken, politieverhoor, je kunt het niet bedenken of er wordt getolkt."

Lichaamstaal
"Ik vind het mooi om een brug te mogen zijn tussen doven en horenden," vertelt Miranda. "Het zijn niet alleen woorden die je tolkt. Middels mimiek en lichaamstaal breng je ook intonatie aan. Let maar eens goed op Irma, als zij minister-president Mark Rutte tolkt. Je ziet dat haar lichaamstaal staccato wordt. Zo spreekt hij ook. Als daarna Jaap van Dissel van het RIVM aan de beurt komt, is haar lichaamstaal weer anders. Door de gebaren en je gezichtsuitdrukking al dan niet kracht bij te zetten, krijgt de inhoud meer nuance."

Taal vernieuwt steeds en dat zorgt voor tolk-uitdagingen. "Neem het woord 'hamsteren', dat bij deze coronacrisis een specifieke betekenis kreeg. Het schuurde tegen 'graaien' aan, maar 'graaien' heeft een negatievere lading dan 'hamsteren'. Het gebaar was dat van 'graaien', maar door het 'ver uit te laten lopen’ werd het 'hamsteren'. De tekst van Rutte wordt vooraf door Irma en haar collega’s geanalyseerd. Zo krijgen de nuances ook in gebarentaal de juiste waarde. De trend die ingezet is door Irma 'toe te voegen' aan deze belangrijke mededelingen is heel positief. De dove wordt gehoord!"

Tekst en beeld: Marlien van Leeuwen

Meer berichten