Logo kobr.nl
Foto: Ton Bos

Levendig debat over bodemdaling in veenweidegebied

Bodegraven-Reeuwijk - In aanloop naar de waterschapsverkiezingen werd vorige week door de KNNV, het IVN en de Stichting Groene Hart een debatavond georganiseerd in Zalencentrum De Brug in Reeuwijk. Eeuwenlang zorgden de waterschappen voor droge voeten en schoon water, voor dijken en riolen, hun kerntaken. Tijdens de door circa 90 belangstellenden bezochte debatavond stonden die taken niet ter discussie. Het kernthema van de avond was de bodemdaling door oxidatie in de veenweidegebieden en de aan water gerelateerde vraagstukken als klimaatverandering en duurzaamheid. De dalingsproblematiek in de stad is anders en werd tijdens deze debatavond niet aan de orde gesteld.

Deelnemers aan het debat waren de kandidaten van zes: Jan Willen Eelkman Rooda (Algemene Waterschapspartij), Hans Demoed (CDA), Jeroen Haan (PvdA), Erwin Zaat (PvdD) Jean Hermans (VVD) en Ad Faasse (Water Natuurlijk). Sommige partijen willen dat er op korte termijn een eind wordt gemaakt aan peilaanpassingen en vinden dat moet worden gestreefd naar een vorm van vernatting van de veenweiden en daarmee ook een vergroting van de biodiversiteit. Dat riep de vraag op welke alternatieven er zijn voor de boeren. Zijn er al duurzame en economisch haalbare oplossingen met andere teelten of is daar onderzoek voor nodig en zijn de pilots die daarvoor bedacht worden niet vooral tijd- en geldverlies?

Geen pasklare oplossingen

Gesteld werd dat oplossingen in een aantal gevallen ook kunnen voortkomen uit de marktwerking: geen peildaling meer en 'de vervuiler betaalt', dan komt de innovatie vanzelf. Bij sommige kandidaten viel te bespeuren dat serieus nagedacht zou kunnen worden om het gebruikelijke 'peil volgt functie' te veranderen in 'functie volgt peil'. De één is daar overigens verder in dan de ander. Bij het doorvragen kwam de nuancering. Ja, het is complexe materie en ja, alles hangt met alles samen. Voor iedereen was duidelijk dat er geen pasklare oplossingen zijn en dat het is misschien inderdaad toch een te groot probleem is om alleen over te laten aan lokale partijen en belangenbehartigers. Bij de kandidaten was sprake van veel goede voornemens en veel goede wil. 'Het is tijd voor een grondige aanpak,' maar waaruit die nieuwe, grondige aanpak dan moet bestaan, kwam minder uit de verf. In de discussie kwam duidelijk naar voren dat andere waterschappen zich bij het bodemdalingsprobleem voortvarender tonen dan Rijnland en aan de kandidaten werd op dat gebied een duidelijke boodschap meegegeven.

Eigen werkelijkheid en belang

Na de pauze werd de zaal erbij betrokken. Vanuit eigen werkelijkheid en belang, als boer, natuurbeschermer, lokaal politicus of bewoner, kwamen allerlei voorbeelden, vragen, problemen en suggesties. Nog duidelijker werd dat bodemdaling geen losstaand probleem is en niet makkelijk op te lossen. Keuzes moeten gemaakt worden, ook door Rijnland. Dat gaat pijn doen. Moet op korte termijn bodemdaling stoppen of volstaat het afremmen (bijvoorbeeld door het toepassen van onderwaterdrainage)? Uit de zaal werd erop gewezen dat Rijnland nog steeds, onveranderd, lokaal onderbemalingen toestaat. Zo is Rijnland mijlenver verwijderd van stoppen met peildaling, wat essentieel is voor een einde aan de bodemdaling. De vraag werd ook gesteld of er geen concrete initiatieven moeten komen van de landelijke overheid, omdat de waterschappen zich te veel laten leiden door lokale belangen. Kúnnen we het bodemdalingsprobleem eigenlijk wel lokaal oplossen of is het beter het onderdeel te maken van het Deltaprogramma, dat immers druk bezig is om een klimaatbestendig Nederland in de steigers te zetten?

Urgentie

Aan het eind zette KNNV-voorzitter Frans Kingma de zaken even op scherp. De kandidaten moesten kiezen uit wat er zoal aan de orde was gekomen. Peil volgt functie of andersom? Een apart Deltaplan Bodemdaling nodig? Moet de vervuiler betalen? Moet onderwaterdrainage gestimuleerd worden? Overeenstemming was er vóór de pauze over de urgentie van de problematiek. Hoe urgent bleef echter nog even in het midden en ook concrete visies en duidelijke actiepunten bleven nog wat vaag. Treffend was dat instemming van de kandidaten slechts gevonden werd voor de stelling dat het waterschap medeverantwoordelijk is voor het aanpakken van de bodemdalingsproblematiek; maar zelfs daarin was men niet unaniem.

Voor wie erbij waren, was de winst dat deze avond een goed overzicht gaf in wat er allemaal speelt rond bodemdaling en dat de zorg over de voortschrijdende bodemdaling door alle kandidaten breed wordt gedeeld. Het is aan Rijnland er daadwerkelijk en snel wat aan te doen. Daar mogen deze zes mannen, als zij gekozen worden, over vier jaar op worden afgerekend.

Meer berichten