
Inwoners melden opvallend rijgedrag van onbekende fatbiker
AlgemeenBODEGRAVEN-REEUWIJK – Na de publicatie van een ingezonden brief in Kijk op Bodegraven-Reeuwijk over gevaarlijk rijgedrag van een jonge fatbiker, stroomden binnen anderhalve dag via sociale media tientallen soortgelijke ervaringen binnen. De politie laat weten dat de meldingen hun aandacht hebben.
door Duarte dos Santos Estrafalhote
Wat begon met één ingezonden brief van een fietsster, groeide onverwacht uit tot een lokale discussie over asociaal gedrag in het verkeer. De briefschrijfster beschreef hoe zij tot twee keer toe schrok van een jonge fatbiker die plotseling op de tegenliggende weghelft stuurde, alsof het hem te doen was om het laten schrikken van passerende fietsers. Met haar brief wilde zij vooral aandacht vragen voor het gevaar voor kwetsbare weggebruikers.
Op Facebook werd het artikel gedeeld door een andere inwoner, die een eigen soortgelijke ervaring toevoegde. Binnen korte tijd verzamelden zich tientallen reacties, vaak met dezelfde opvallende beschrijving van de bestuurder en diens ‘modus operandi’. Meerdere inwoners meldden dat ze de fatbiker herkenden aan zijn kleding en aan de manier waarop hij vlak langs passerende fietsers zou sturen. Ook zou hij na zijn, inmiddels beruchte, stuuractie hardop lachen om zijn gedrag. Een Facebookgebruiker meldt het volgende: “Toen hij me tegemoet kwam rijden maakte hij blaffende geluiden. Ik bleef maar net aan overeind.”
Aandacht
De toegenomen aandacht heeft ook de politie bereikt. In een reactie laat de politie weten dat de meldingen bekend zijn bij het wijkteam. “Het heeft onze aandacht en de wijkagent is ermee bezig,” aldus de woordvoerder.
Volgens de politie komen signalementen en locaties niet altijd overeen, waardoor de informatie nog niet concreet genoeg is om gericht op te treden. Wel benadrukt de politie dat dit soort gedrag strafbaar kan zijn wanneer het leidt tot gevaarlijke situaties of wanneer er een aanrijding plaatsvindt. Inwoners die dit meemaken, worden gevraagd dit te melden bij de wijkagent, met daarbij zo mogelijk een concreet tijdstip, locatie en signalement. “Dan kunnen wij hierop acteren,” aldus de politie.















