
Ganzen in Reeuwijk: een waggelende verrijking of gakkende plaag?
AlgemeenREEUWIJK – Horen ganzen nu eenmaal bij een groen en waterrijk dorp, of is de grens bereikt wanneer speelplaatsen onder de uitwerpselen zitten? Een Facebookbericht over de groeiende ganzenpopulatie in Reeuwijk heeft een stevige discussie losgemaakt. Waar de één vooral overlast en gezondheidsrisico’s ziet, vindt de ander dat de vogels simpelweg bij de omgeving horen.
door Duarte dos Santos Estrafalhote
Aanleiding voor de discussie is een bericht van een bezorgde Reeuwijker. Volgens de inwoner groeit het aantal ganzen in het dorp al jaren en heeft hij de gemeente daar ruim twee jaar geleden voor het eerst op gewezen. Destijds kreeg hij naar eigen zeggen te horen dat ingrijpen lastig was vanwege de beschermde status van ganzen.
De inwoner stelt dat een groot deel van de dieren in Reeuwijk geen wilde ganzen zijn, maar zogeheten boeren- of soepganzen. Inmiddels zouden er, naar het schijnt, meer dan 400 van rondlopen. Vooral de hoeveelheid uitwerpselen baart hem zorgen. Ook wijst hij op mogelijke verspreiding van ziekteverwekkers en op honden die ganzenpoep eten.
Het bericht maakt veel los. Bijna 80 mensen mengen zich in de discussie. Grofweg ontstaan twee kampen. Aan de ene kant inwoners die de hoeveelheid ganzenpoep, vervuilde grasvelden en overlast niet langer acceptabel vinden. Daartegenover staan inwoners die erop wijzen dat Reeuwijk juist een groene, waterrijke omgeving is en dat watervogels daar onlosmakelijk bij horen.
Speeltuin vol ganzen
Inwoner en fotograaf Cornelis Hagen mengt zich in de discussie. Zijn zorgen richten zich specifiek op de speelplaats bij de Anne Frankstraat en Tasmanstraat. Daar lopen volgens hem regelmatig 20 tot 30 ganzen rond.
Hagen meldde de situatie eind juli bij de gemeente en schreef op 21 augustus vervolgens een brief aan het college van burgemeester en wethouders. Daarin vraagt hij aandacht voor de grote hoeveelheid ganzenpoep op de speelplaats. Vooral jonge kinderen kruipen, vallen en spelen volgens hem tussen de uitwerpselen.
Hagen maakt in zijn betoog duidelijk zorgen te hebben over gezondheidsrisico’s. Hij wijst daarbij op bacteriën die in uitwerpselen kunnen voorkomen, waaronder E. coli, Salmonella en Campylobacter. Hagen vraagt de gemeente daarom om de speelplaats zeer regelmatig schoon te maken en, wanneer de populatie te groot blijkt, samen met de provincie en de Faunabeheereenheid te kijken naar mogelijkheden voor nestbeheer.
Dat het niet om een enkele verdwaalde gans gaat, blijkt ook uit de beelden die Hagen bij zijn melding meestuurde. Op een foto van begin augustus is een flinke groep ganzen direct bij de speeltoestellen te zien.
Ontlasting vermijden
Hagen legde zijn zorgen uiteindelijk ook voor aan GGD Hollands Midden. Die nuanceert het gezondheidsrisico, maar onderschrijft wel dat contact met uitwerpselen zoveel mogelijk moet worden voorkomen.
Volgens de GGD gelden in deze situatie de algemene hygiëneadviezen voor buitenspelen en contact met ontlasting. Waar contact met ontlasting plaatsvindt, bestaat een risico om ziek te worden. De dienst adviseert daarom uitwerpselen regelmatig op te ruimen, kinderen er zo veel mogelijk vandaan te houden en na het buitenspelen goed de handen te wassen met water en zeep.
De GGD kan de gemeente overigens niet verplichten om maatregelen te nemen. De gezondheidsdienst heeft een informerende en adviserende rol en geen handhavende of toezichthoudende bevoegdheid.
Uit de reactie van de GGD blijkt ook dat de kwestie al eerder bij de gemeente op tafel lag. Eind juli had de gemeente bij de Omgevingsdienst Midden-Holland navraag gedaan naar de mogelijkheden om ganzen te verjagen of eieren te behandelen. Ook zou de gemeente zijn begonnen met het regelmatig schoonmaken van de locatie.
Niet iedere gans hetzelfde
Een belangrijk punt in de discussie is de beschermde status van de dieren. Daarbij maakt het nogal uit over welke gans het gaat. Volgens een factsheet van de Dierenbescherming is de boerengans, ook wel tamme gans genoemd, geen beschermde inheemse diersoort. De vogel mag daarom in principe met de hand worden gevangen om overlast te voorkomen. Dat betekent echter niet dat er zonder meer met iedere vang- of bestrijdingsmethode kan worden ingegrepen. Voor onder meer het gebruik van netten, kooien of bepaalde dodingsmethoden gelden aanvullende regels en voor alle dieren geldt een zorgplicht.
Ook de Omgevingsdienst Haaglanden benadrukt dat regels rond jacht, beheer en schadebestrijding verschillen per soort, seizoen en situatie. Bij gevaar voor bijvoorbeeld de volksgezondheid of veiligheid kunnen maatregelen mogelijk zijn, maar welke aanpak is toegestaan moet per situatie worden beoordeeld.
De Dierenbescherming pleit daarbij vooral voor preventieve en niet-dodende oplossingen. Genoemd worden onder meer een ander maaibeleid, het minder aantrekkelijk maken van bepaalde groenstroken, voorlichting om het voeren van ganzen tegen te gaan en eventueel nestbeheer. Pas wanneer dergelijke maatregelen onvoldoende werken, kan het vangen en verplaatsen van boerenganzen aan de orde komen. Voor verplaatsing naar een ander gebied is volgens de organisatie een provinciale ontheffing nodig.
Gemeente erkent overlast
De gemeente Bodegraven-Reeuwijk laat weten bekend te zijn met de problemen. Niet alleen bij speelplekken, maar ook op wandelpaden en rond het jachthaventje wordt overlast ervaren door de aanwezigheid van ganzen en hun uitwerpselen.
De gemeente probeert zowel de groei van de populatie als de directe gevolgen daarvan aan te pakken. Eén à twee keer per week worden medewerkers ingezet om ganzenpoep op openbare plekken te verwijderen. Daarnaast worden inwoners opgeroepen de dieren niet te voeren. Op de gemeentelijke website waarschuwde de gemeente deze zomer al dat het voeren van watervogels ervoor kan zorgen dat dieren hun natuurlijke gedrag verliezen en vaker rond huizen, tuinen en openbare plekken blijven hangen.
Ook wordt al geprobeerd de groei van de populatie af te remmen. Volgens de gemeente zijn de afgelopen twee jaar bij verschillende nesten eieren verwijderd. Bij enkele koppels leidde dat tot minder jongen, maar omdat niet alle nesten konden worden gevonden, bleef het effect beperkt.
Mogelijk ingrijpen in 2027
Daar blijft het mogelijk niet bij. De gemeente is samen met de Wildbeheereenheid Reeuwijk en omstreken op zoek naar mogelijkheden om de ganzenpopulatie verder terug te dringen. Volgens de gemeente werd hierover in 2025 al contact gezocht en is recent opnieuw gesproken over afvang of afschot.
Afschot binnen de bebouwde kom is volgens de gemeente geen optie. Op advies van de Wildbeheereenheid wil de gemeente daarom samen met Landal Reeuwijk een aanvraag voorbereiden voor het verwijderen van ganzen. Verplaatsen ziet de gemeente niet als oplossing, omdat de overlast daarmee naar een andere locatie zou verschuiven.
Een eventuele actie kan volgens de gemeente op zijn vroegst in juni 2027 plaatsvinden. Dat gebeurt tijdens de ruiperiode, wanneer ganzen tijdelijk niet kunnen vliegen.










