<p>Iwan maakt een wandeling met een van de paarden.</p>

Iwan maakt een wandeling met een van de paarden.

(Foto: )
Human Interest

‘Ik woon in een droomplaatje van rokende schoorstenen en lichtjes in het dal’

  Human Interest

REEUWIJK / EIFEL - Iwan Blanken was de drukte en het ongeduld van de Randstad beu. Hij wilde paardrijden door de prachtige bossen en heuvels van de Duitse Eifel. Het pakte iets anders uit dan gepland, maar genieten doet Iwan alsnog met volle teugen!

Iwan groeide op in Reeuwijk met een passie voor het buitenleven. Paardrijden was daarvan het summum. Op zijn tiende startte hij bij Ponyclub in Gouda en de dieren bleven hem fascineren. Waarom, dat weet Iwan eigenlijk niet goed. “Er is iets aan het totaalbeeld van het dier. Elk paard is anders, heeft een eigen karakter met goede en slechte eigenschappen. En hoe ze in het weiland staan, hoe ze grazen en rennen… het geeft een bijzonder gevoel.” Het kon dan ook niet anders dan dat hij zijn huidige vrouw vond op de Ruiterclub Bloemendaal. “Ze gaf mij les en van het een kwam het ander,” grinnikt Iwan.

Rust om te rijden
Samen verhuisden ze naar Waddinxveen, naar een huis naast een weiland met ruime schuren voor hun eigen paarden. Iwan reed graag, op het paard of met de koets, maar de randstedelijke omgeving keerde zich tegen zijn hobby. “Om fijn paard te rijden heb je rust nodig, maar het verkeer was ongeduldig en de natuur verdween door meer bebouwing. Ook in het weiland achter ons huis kwamen nieuwe huizen.” Het was tijd om te vertrekken.

Droomplaatje
Iwan en zijn vrouw gingen vaak op vakantie naar de Eifel in Zuidwest-Duitsland. “We vonden het heerlijk om daar te wandelen of te rijden door de bossen, tussen de heuvels en langs de mooie boerderijen. Twee keer gingen we in de winter en zagen we een prachtig sneeuwlandschap, met tijdens Kerst een droomplaatje van rokende schoorstenen en lichtjes in het dal.” Daar moesten ze wonen.

Opgenomen in hun dorpje
In 2012 vertrok het stel naar het dorpje Neuheilenbach, op zoek naar de natuur en de ruimte. Iwan reed nog een jaar heen en weer voor zijn werk als klusjesman en hovenier met zijn vader, maar daarna waren ze echt ‘over’. “We zijn heel goed opgenomen in het dorpje,” vertelt Iwan, “maar je moet je wel aanpassen. Toen we er nog kort woonden, zag ik dat een buurman schuin tegenover ons zijn weg aan het bestraten was. Ik stapte naar buiten en ben gaan helpen. Dat was een goede zet. Al snel kwam iemand met een fles bier aan, een ander met worstjes. Heel gemütlich.”

Het huishouden van Iwan vormt samen met acht buren een ‘Nachbarschaft’, een hechte gemeenschap die voor elkaar zorgt. “In een Nachbarshaft help je elkaar. Als het gesneeuwd heeft, rijd ik bijvoorbeeld met mijn sneeuwschuiver ook gelijk bij de buren langs. Met anderen wisselen we planten uit voor de groentetuin.” De gemeenschap schept ook sociale verplichtingen. “Als iemand jarig is, komt iedereen op visite. Als er een begrafenis is, stuur je samen een bloemetje.”

Ook aan andere dingen merkten Iwan en zijn vrouw dat ze in een klein dorpje waren aangekomen: “In het begin moesten we om mobiel te telefoneren honderd meter lopen naar een kersenboom verderop. In 2012! Verder is de voedselvoorziening heel lokaal: we hebben wildvlees van de jager, rundvlees van een boer die zijn eigen koeien slacht en bijna iedereen heeft zijn eigen groentetuin.”

Veranderde plannen
Het was de bedoeling dat Iwan een paardenpension ging opzetten, waar mensen hun paarden kunnen stallen en laten verzorgen en zijn vrouw als fysiotherapeute aan de slag zou gaan. Maar dat pakte anders uit. “Mijn vrouw werd zwanger en toen zijn we gewisseld. Het was de vraag wat ik moest gaan doen, maar dat was snel opgelost. We maakten een praatje met een man die nieuwe deuren bij ons kwam installeren en die zei gelijk: ‘Ik weet nog wel een hoveniersbedrijf.’ Hij pakte de telefoon en een week later kon ik aan de slag.”

Van tevoren had het stel gedroomd van lange ritten met de paarden door de heuvels van de Eifel. De eerste twee jaar lukte dat goed, maar daarna kwam het er toch vaak niet van. “Ik heb de afgelopen vijf jaar geen enkele keer gereden,” bekend Iwan. “Dat is natuurlijk jammer, maar mijn baan als hovenier was wel heel goed om de taal te leren en vrienden te maken. Bovendien ben ik wel elke dag bezig met iets dat met de verzorging van paarden te maken heeft: hooi maken, stallen schoonmaken, het land bemesten… dat vind ik ook mooi om te doen.” Hij lacht. “Maar dit jaar wil ik weer meer met de wagen rijden!”

Vakantiegevoel
Hopelijk lukt het om in de toekomst de paarden vaker van stal te halen. Op de woonplaats heeft het in ieder geval geen effect. “Terug naar Nederland gaan we in ieder geval niet. Er is zoveel veranderd, ik kan de wegen in mijn oude dorp niet eens meer terugvinden. Het is fijn om familie en vrienden te zien, maar als ik terugrijd en ik rijd in België vlak bij de grens met Duitsland naar beneden en ik zie de bossen, dan geeft dat nog steeds een vakantiegevoel. Ik ben heel blij dat ik hier mag wonen.”

Tekst: Key Tengeler

Meer berichten