Afbeelding

Jongerenhuisvesting knelpunt in lokale bouwprogramma's?

Algemeen

Bodegraven-Reeuwijk - Hoewel in de lokale politiek de laatste jaren bij herhaling aandacht is gevraagd voor de huisvesting van starters, lopen jongeren die afhankelijk zijn van een passende sociale huurwoning steeds meer aan tegen het feit dat het vinden van zo'n woning wel erg moeilijk is geworden.

Dat ervaarde ook de 29-jarige Reeuwijkse Sanne, die lang afhankelijk was van huisvesting in het driekamer­appartement van haar ouders. Enkele dagen nadat het interview plaatsvond, kreeg de redactie van Sanne het bericht dat zij een klein appartement kon betrekken. De problematiek is echter interessant genoeg om het interview met haar en de reacties daarop van Vincent van Luit, directeur van de Woningbouwvereniging Reeuwijk en wethouder Volkshuisvesting Dirk-Jan Knol te plaatsen.

Sanne is, evenals haar vader, geboren in Reeuwijk. Na jaren met haar ouders in Gouda te hebben gewoond, is zij met haar ouders een paar jaar geleden teruggekeerd naar Reeuwijk. Sinds die tijd probeerde ze bij herhaling in aanmerking te komen voor zelfstandige woonruimte, maar tot haar grote frustratie lukte dat niet. "Ik woonde bij mijn ouders in een woning die daar eigenlijk niet geschikt voor was. Ondanks het feit dat de verstandhouding met mij ouders heel goed, wilde ik op mijn 29e graag zelfstandig wonen om echt mijn eigen vleugels uit te kunnen slaan. Deze situatie was voor mij erg onbevredigend en ik voelde ook een schuldenlast naar mijn ouders, die een senior­appartement hebben gekocht dat eigenlijk alleen geschikt is voor twee personen."

Vrije sector onbetaalbaar

Op de vraag of huisvesting in de vrije sector of een koopwoning iets voor haar had kunnen zijn, volgt een ontkennend antwoord. Sanne: "De regels zijn zeker voor koopwoningen tegenwoordig heel streng en de prijzen zijn erg gestegen. Ik heb wel gekeken naar een koopappartement, maar het is financieel heel lastig rond te krijgen. Ook vrije sector huurwoningen zijn voor mij onbetaalbaar. Ik werk via een uitzendbureau en verdien een redelijk salaris, maar ben daarmee echt aangewezen op een sociale huurwoning want een andere optie is voor mij niet te betalen. Ik stel daarbij mijn eisen echt niet zo hoog want ik wil redelijk minimalistisch leven. Het gaat mij dan ook niet om een woning met veel ruimte maar het gaat mij vooral om het feit dat ik eindelijk op eigen benen kan staan, zodat ik mijn eigen identiteit vorm kan geven en een eigen sociaal leven kan opbouwen. Het aanbod van woningen die voor mij geschikt zijn, was echter uiterst beperkt."

Sanne weet dat er de laatste jaren veel gesproken wordt over het feit dat jongerenhuisvesting een knelpunt vormt. Het is voor haar echter volstrekt onduidelijk wat er nu echt gebeurt op dat gebied, want zij ziet vooral dat er gebouwd wordt in de dure en middeldure sector en dat nieuwe woningen in de sociale huursector toch vooral bestaan uit eengezinswoningen.

Historisch gevoel

"Ik begrijp dat niet goed," zo vervolgt de Reeuwijkse haar verhaal. "Jongeren zijn in mijn ogen heel belangrijk voor een gemeenschap omdat het vanuit de historie opgebouwde gemeenschapsgevoel buitengewoon belangrijk is voor het behoud van de eigen identiteit van de kernen in onze gemeente. Je bouwt immers je herinneringen op en geeft die weer door aan de volgende generatie. Als je gedwongen bent elders huisvesting te zoeken, gaat dat allemaal verloren. Ik wil bovendien heel graag in Reeuwijk blijven. Als LHBT'er voel ik mij hier erg thuis. Het is hier een veilige sociale omgeving; die vind ik niet in grotere plaatsen zoals Gouda."

Oproep aan de politiek

Hoewel Sanne begrijpt dat de woningtoewijzing vrij complex is, vindt zij de verantwoording daarover weinig transparant. "Ik had een aantal keren op een woning geschreven, maar ik had ondanks mijn 29 jaar geen enkele kans, terwijl ik ook niet als 'urgent' aangemerkt kon worden. Het stoort mij dat het zo weinig transparant is waarom anderen voorgaan. Ik merk ook dat de instroom van buiten erg groot is. Reeuwijk is een gewilde woonplaats zodat er extra druk op staat. Ondanks een soort kernenbeleid kom je dus slecht aan een woning. Ik roep de lokale politiek dan ook op om blijvend aandacht te besteden aan de jongerenhuisvesting en het niet bij woorden te laten. Zorg ervoor dat er daadwerkelijk actie wordt ondernomen om de woningnood voor jongeren op te lossen."

Kleinere woningen voor 1 of 2 personen

In een reactie onderkent de Woningbouwvereniging Reeuwijk het feit dat het voor jongeren soms lastig is juist die woning te vinden waarnaar zij op zoek zijn. Van de circa 1100 woningen van de woningbouwvereniging is zo'n 30% geschikt voor bewoning door één persoon (exclusief seniorenhuisvesting). Jongerenhuisvesting is bij woningtoewijzing steeds een belangrijk aandachtspunt. Bij iedere woning die vrijkomt, wordt gekeken of het gewenst is die specifieke woning te labelen voor bewoning vanaf één persoon en bij geschikte woningen is het mogelijk die bij voorrang beschikbaar te stellen voor starters t/m 29 jaar. Elma Huisman, coördinator Woondiensten van de woningbouwvereniging, adviseert woningzoekende jongeren actief te blijven bij het reageren op vrijkomende woningen en niet te snel te denken dat het toch niet gaat lukken. "Vorig jaar zijn van de 50 woningen die werden aangeboden 8 woningen toegewezen aan starters onder de 30 jaar. Niet alle woningen zijn echter gewild, want op sommige geschikte woningen komen nauwelijks reacties van beginnende starters binnen. De woningbouwvereniging zal in de toekomst niet overgaan tot specifieke bouw van starterswoningen, maar wel van kleinere woningen, die geschikt zijn voor 1 of 2 personen.

"Zoektijd valt mee"

Wethouder Dirk-Jan Knol: "Sannes verhaal herken ik: de druk op de sociale huursector in onze gemeente is groot. Toch valt de zoektijd (de tijd tussen het moment dat je in Woningnet voor de eerste keer op een woning reageert en het moment dat je een woning krijgt toegewezen) mee. De zoektijd in 2017 was gemiddeld 11,6 maanden (nog geen jaar dus); de zoektijd voor de leeftijdsgroep 23 tot en met 29 jaar (de groep waar Sanne in valt) is met 13,8 maanden iets langer. Wij vinden het als gemeente belangrijk dat er voldoende sociale huurwoningen zijn. Daarom eisen wij dat alle bouwplannen bestaan uit tenminste 20% sociale huurwoningen. Dat werkt: over het hele bouwprogramma gezien halen we dit streefpercentage. In het bouwprogramma ligt bovendien een duidelijk accent op appartementen voor ouderen en jongeren. Tegelijkertijd ben ik me ervan bewust dat het voor starters op de huizenmarkt op dit moment lastig is, zeker in combinatie met landelijke ontwikkelingen zoals stijgende huizenprijzen. Daar proberen we als gemeente zo goed mogelijk op in te spelen."

Tekst en beeld: Bert Verver

Advertentie

Categorieën