Joke en Louis Bianchi-Mul delen 60 jaar lief, leed en humor
Joke en Louis Bianchi-Mul delen 60 jaar lief, leed en humor Foto: Marlien van Leeuwen

Briljanten bruiloft voor Joke en Louis Bianchi-Mul

Algemeen

Met koetsjes gingen ze naar het gemeentehuis in Gouda, dat was toen goedkoper dan een trouwauto. Aansluitend feest in het Duivenlokaal aan de IJssellaan in Gouda. Een feestelijk begin van een huwelijk wat 60 jaar stand zou houden. Zestig jaar lief en leed maar vooral veel humor. Nog altijd gaan de vrolijke plagerijtjes over en weer. Of zoals Joke zegt: “Je kunt beter gek praten dan gek doen.”

“Ik heb hem uitgezocht op zijn achternaam en hij had een mooie motor onder zijn gat”; grapt Joke. Italiaanse roots? “Vluchtelingen. Zo’n tweeëneenhalve eeuw geleden dus inmiddels wel verhollandst,” verklaart Louis, “Net als toen ik in Bodegraven kwam. Tijdens de eerste bombardementen op Rotterdam 14 mei 1940 was ons huis weg. Vier was ik en mijn zus zes. De angst van mijn ouders, ons thuis weg, mijn speelgoed, alles. Dat vergeet ik nooit. Als de dag van gister. We verhuisden naar Rotterdam-Zuid wat ook gebombardeerd werd. Toen was de maat vol voor mijn ouders en zijn we gevlucht. In mijn pyjama met een regenjas eroverheen. 

We kwamen op de camping in Reeuwijk aan de ‘s Gravenbroekseplas. Via een Reeuwijkse boer kwamen we bij zijn zuster in Bodegraven terecht tegen kost en inwoning. (Haar man zat op de wilde vaart en kon door de oorlog niet meer thuis komen). Een beneden woninkje aan de Markt. Waar we met drie volwassenen en vijf kinderen verbleven. Geen douche, geen geiser (dus geen warm water) alleen één wc. Na een jaar waren de irritaties te hoog opgelopen en verhuisden we naar de Noordstraat. Daar woonden we tegenover een boer die aan alle gelovigen van het dorp eten uitdeelde, maar niet aan ons. Want wij kwamen niet in de kerk. 

Het leven van Joke was ook niet direct te vergelijken met die van de huidige jeugd. Als derde kind en eerste dochter uit een rijtje wat tien kinderen zou worden was ze de rechterhand van haar moeder. Maar meer dan dat omdat haar moeder met grote regelmaat ziek was. Joke vertelt: “Met elk kind was mijn moeder reuze blij. Maar achteraf gezien kon ze zoveel zwangerschappen lichamelijk niet aan. 

Ik ging wel naar de lagere school en ging elk jaar ook over maar werkte vaker thuis dan dat ik in de schoolbanken zat. Datzelfde gold voor de huishoudschool.” 

Dansen hoorde bij je opvoeding

Joke vertelde hoe haar oudste broer haar naar dansles bracht en weer haalde vanuit haar woonplaats Ouderkerk. Joke: “Bij een vooraanstaande dansschool ging ik op mijn achttiende op dansles. Vooraanstaand, dat was belangrijk.” Louis had Joke wel eens gezien. Zij was de verkering van zijn collega. Toen deze hem vertelde dat het uit was, stond hij de zondag erna bij de Kunstmin in Gouda. Daar kon je vrij dansen. Joke was er die avond ook. Louis viel vooral op haar ogen; ”De doorkijk naar haar ziel.” 

Alleen voor de wet

Ze trouwden op 8 augustus 1962 in Gouda voor de wet. “Niet in de kerk,” vult Louis aan, “maar dat zagen ze hier gelukkig niet. Wij weten wat discrimineren is. Als je in die tijd geen lid was van de juiste kerk had je een minnetje achter je naam.” Samen kregen ze twee dochters, Louise en Marianne en zij schonken hen weer twee kleinzoons. Het echtpaar is altijd, weliswaar op verschillende adressen, in Bodegraven blijven wonen. En een feest? Niet meer zoals destijds in het Duivenlokaal maar gezellig met elkaar uit eten.

door Marlien van Leeuwen

!