
Oplossingen zoeken voor troebel water en rivierkreeft
InterviewREEUWIJK - “Ik ben het waterschap ingegaan, omdat ik de Reeuwijkse Plassen graag weer gezond wil zien.” Wilco van Roon uit Reeuwijk heeft veel ideeën voor de verbetering van de waterkwaliteit in het algemeen en voor het plassengebied in het bijzonder. Hoe staat het daarmee na zijn eerste jaar als bestuurslid bij het waterschap?
door Elly de Knikker
Een jaar geleden, op 15 maart 2023, betrad Wilco van Roon relatief onbekend terrein toen hij als kandidaat namens de BBB gekozen werd als ‘lid in de verenigde vergadering van het Hoogheemraadschap van Rijnland’. Of in iets minder gedateerde termen: hij is gekozen als lid van het algemeen bestuur van het waterschap. Wilco: “Ik ben in Reeuwijk opgegroeid en er spelen best wel wat dingen hier in het plassengebied. De belangrijkste twee zijn de grote hoeveelheid bagger en de overlast van de Amerikaanse rivierkreeft. Als bestuurder zit ik dicht bij het vuur. Ik kan mijn ideeën rechtstreeks inbrengen in de organisatie die het beleid maakt.”
Baggeren
“Toen ik 10 jaar oud was, kon ik hier aan de kant zwemmen,” zegt Wilco met een armzwaai naar de Nieuwenbroekseplas waaraan hij al heel zijn leven woont. “Nu moet ik in 40 meter uit de kant voordat ik het water in kan.” Dat komt door de hoeveelheid bagger die zich aan de rand van de plas ophoopt. “Het water bij de oevers is troebel. En dat geldt niet alleen hier. Ik heb daarom een motie (discussiepunt in de vergadering waarover kan worden gestemd, red.) ingediend om de Reeuwijkse Plassen voor 20 procent te laten baggeren. De bagger aan de kant moet je weghalen. In het midden moet je die rustig laten zitten, die houdt druk op de veenlaag. Ga je daar roeren, dan krijg je juist meer veenuitbarstingen (veenbonken).”
Daarbij vindt de BBB-vertegenwoordiger dat de kosten voor het baggeren niet bij de eigenaren van de oevers moet komen te liggen, maar dat deze gedragen moeten worden door de gemeenschap (waterschap, provincie, gemeente, subsidies). Wind en stroming zorgen er namelijk voor dat de bagger zeer onevenredig is verdeeld over de oevers. “Daarom is het oneerlijk om de kosten te leggen waar de bagger ligt. Bovendien wordt met het baggeren van de oevers de waterkwaliteit enorm verbeterd. Schoon water is van algemeen belang, dus is het logisch als de gemeenschap daaraan bijdraagt.”
Wilco heeft in het waterschap zowel bij coalitie als oppositie steun gezocht voor zijn motie. En met succes. Toch heeft hij de motie teruggetrokken. Wilco: “Voordat over de motie zou worden gestemd, kreeg ik al van de hoogheemraad (bestuurder uit het dagelijks bestuur van het waterschap, red.) de toezegging dat hij het in de najaarsnota van dit jaar mee gaat nemen. De ambtenaren zijn al bezig om dit samen met andere partijen te regelen. Dat is natuurlijk fantastisch. Zo’n toezegging is meer waard dan een goedgekeurde motie.”
Amerikaanse rivierkreeft
In het gehele gebied van het waterschap vormt de Amerikaanse rivierkreeft een groot probleem. Deze kreeften brengen met hun graverij schade toe aan oevers, ze eten de waterplanten, het kuit van vissen en amfibieën. Hierdoor staat het hele onderwaterecosysteem op omvallen. “Kreeft in plas of sloot, alles dood”, klinkt het stellig. Voor de bestrijding van de rivierkreeft is een driesporenbeleid nodig, stelt de Reeuwijker vast.
Punt één: je moet de kreeften bestrijden op natuurlijke wijze. Kleine kreeftjes moeten worden opgegeten door hun natuurlijke vijanden: de paling en zeelt. Dat zijn inheemse vissoorten, die leven van oudsher hier in het gebied. De situatie is nu echter omgekeerd, want de grote kreeften eten al de kleine visjes weg. Daarom moet de balans worden hersteld door paling en zeelt uit te zetten.
Punt twee: je moet zoveel mogelijk kreeften vangen. Er zijn beroepsvissers in het gebied aanwezig, maar zij gooien gevangen kreeften regelmatig terug. Daarom moet er voor kreeften een aanlandplicht komen voor de beroepsvisserij.
En als derde: er moeten visteams komen om de kreeften te vangen in gebieden waar de beroepsvissers niet komen.
De motie die Wilco indiende roept op tot een pilot met het uitzetten van paling en zeelt. Maar net als de hiervoor beschreven motie is deze teruggetrokken. “Ik hoefde ’m niet meer in stemming te brengen,” zegt Wilco tevreden. “Het dagelijks bestuur van het waterschap heeft namelijk in de praktijk gezien dat waar veel zeelt zit, het kreeftenprobleem minder aanwezig is. Twee weken geleden kreeg ik van de hoogheemraad te horen dat de pilot zelfs versneld wordt uitgevoerd.”
Dit houdt overigens niet in dat er al op korte termijn meer zeelt in de Reeuwijkse wateren zwemt. “Het waterschap is nu op zoek naar een gebied om de pilot te draaien. Dat kan overal in het gebied van het waterschap zijn en dat loopt van Gouda tot Haarlem en van Katwijk tot Nieuwkoop.”
Politiek
Waar Wilco kennis over vissen, natuurbeheer en watermanagement meeneemt naar het waterschapsbestuur, leren collega-bestuurders hem veel over andere thema’s. Het onderwerp afvalwaterzuivering boeit Wilco bovenmatig. Dat blijkt een heel complex verhaal dat ingrijpt op veel (politieke) besluiten die in de provincie en gemeenten worden genomen, zoals de bouw van een grote woonwijk. Het frustreert Wilco dat aan de grenzen van het waterschap vervuild water binnenstroomt, zonder dat iemand weet hóe vervuild het is. Wel wordt het waterschap afgerekend op die vervuiling. “Het is bekend dat 50 procent van de PFAS in het Nederlandse water afkomstig is van Duitsland. Straks komt daar ook nog lithium bij, omdat de oosterburen hun lithiummijnen gaan heropenen en het afval lozen in de Rijn.”
Dat levert een spanning op met de Kaderrichtlijn Water, de Europese norm voor de waterkwaliteit. “Die norm is nu al heel ver uit zicht. Eigenlijk kun je wel zeggen dat deze nooit gehaald gaat worden. En dat ligt niet aan de BBB, zoals sommige partijen beweren. De aanzet voor die richtlijn is al ruim 20 jaar geleden gegeven. Wij regeren pas 1 jaar, dus dat probleem kun je niet op ons bord neerleggen. We moeten het mét elkaar doen, samen naar een oplossing zoeken.”
Vroeger
Ideeën voor oplossingen heeft Wilco genoeg en hij wil ze graag in praktijk brengen. “Mijn vader zegt weleens: ‘Vroeger, toen konden we drinken uit de plas, het was zulk glashelder water. En dat komt nooit meer terug.’ Maar als je alleen maar treurt en verder niks doet, dan komt het sowieso niet terug. Ik wil graag een poging wagen om het veel beter te krijgen dan het nu is. Mijn drijfveer is om de plassen weer gezond te zien.”















