De vangst van kieviten.
De vangst van kieviten. Foto: Archiefbeeld

Oude beroepen die niet meer bestaan

Historie Verhalen uit het archief

In de tijd dat het land in onze regio werd drooggelegd, waren er onginners, turfstekers en werkers op de vele boerderijen in onze omgeving. Maar er waren ook veel andere beroepen die wij nu niet meer kennen.

door Cock Karssen

Neem het beroep van nachtwaker, de man die met zijn klepper door de dorpen liep om te kijken of er nergens brand was. In vroeger tijden hadden veel mensen nog open vuur in de huizen, dat zij voor de nacht bij elkaar moesten harken onder een stolp, zodat het zachtjes kon doorsmeulen. Maar gevaar voor brand was er natuurlijk altijd, daarvoor waakte de nachtwaker. Later werd het ook zijn functie om mensen wakker te maken om naar hun werk te gaan, ‘porren’ noemde men dat.

Lantaarnopsteker

Ook het beroep van lantaarnopsteker bestaat niet meer. Deze man moest in de tijd van de gaslantaarns elke avond zijn ronde doen door de dorpen om met de hand de straatlantaarns aan te steken. Bodegraven had eind 19e eeuw twintig gaslantaarns die brandden op steenkoolgas. Bij lichte maan werden ze uit zuinigheid niet aangestoken en als zij wel branden, dan waren het flauwe lichtbronnen die op donkere avonden weinig verlichting gaven in het duister. Pas in 1922 werd de elektrische straatverlichting ingevoerd en werden de lantaarns automatisch aangestoken.

Afvalverwerking

Zo had je ook het beroep van as- en vuilophaler. Begin van de vorige eeuw werd die functie in Bodegraven vervuld door Gijs de Vlieg. Hij ging met een baggerkar elke week de putten af om die leeg te scheppen. Er was nog geen riolering, die kwam pas rond 1923. De wc’s, ook wel ‘poepdozen’ genoemd, loosden of rechtstreeks op de sloot achter het huis of de rivier, of in een ton die later door de vuilophaler werd opgehaald en geleegd. Het huisvuil, dat nog niet zo omvangrijk was alsnu, werd door de vuilophaler met paard en wagen opgehaald en door hem zelf gesorteerd in eventueel nog verkoopbaar materiaal.

Het oud papier, je schillen of oud ijzer kon je apart houden en wegbrengen naar de bedrijfjes die dat opkochten voor een klein bedrag. Kinderen deden dit vaak voor een zakcentje.

Warmte kopen

Een speciaal beroep was dat van de heetwaterstoker. Bij hem kon je voor een klein bedrag heet water halen om op maandag de was te doen. In Bodegraven vervulde Hulshof dit beroep. Bij een kar aan de weg kon je je scharen laten slijpen bij Joustra en konden mannen hun losse boorden laten wassen en strijken bij mevrouw De Groot. 

Bij de kolenboer bestelde je je antraciet, eierkolen of steenkool, die de man met grote zakken vol in je kolenhok kwam brengen.

Dorpsomroeper

Ook de dorpsomroeper kennen wij niet meer in onze dorpen. In Bodegraven waren dat onder andere De Vlieg, De Vet, Blijleven en Kooistra. Behalve het dorpsnieuws riepen de mannen ook aanbiedingen rond van groentehandelaren of aanmeldingen van het slachthuis om vlees op te halen.

Wij kenden ook de overwegwachter, die de spoorbomen bij de overweg in het dorp omhoog en omlaag liet. Ook de stationschef, de loodasbrander, de pruikenmaker of de kuiper, die tonnen en kuipen maakte, zijn verdwenen.

Advertentie

Categorieën