
‘Ik wil mensen enthousiast krijgen, dus het orgel moet toegankelijk zijn’
InterviewBODEGRAVEN – Het bespelen van het orgel is Arjen van Vliet (52) met de paplepel ingegoten. Van de vijf organisten in de Dorpskerk van Bodegraven begeleidt hij elke zondagochtend de kerkdienst. “Voor dit orgel is het kenmerkend dat je moeiteloos 500 of 600 man kan begeleiden.”
door Ryan Koster
Wanneer je in de Dorpskerk opkijkt naar het authentieke orgel, valt het donkerrode en goud beklede houtwerk van de orgelkast het eerste op. De originele monumentale orgelkast is afkomstig uit 1761, sindsdien is het orgel in de kast twee keer vervangen. Het orgel in de Dorpskerk is een veelzijdig instrument om op te spelen legt Arjen uit. “Het is een mooi instrument met links en rechts van de speeltafel 26 verschillende registerknoppen. Op die manier kun je verschillende klankkleuren, volumen en muziekstijlen hanteren.” Binnen in het orgel tussen honderden orgelpijpjes in, laat hij zien hoe de trompetpijpen worden gestemd. Het stemmen van de trompet en enkele andere registers kan hij zelf doen, legt hij uit, maar voor het stemmen van alle andere pijpen is een orgelbouwer nodig.
![]()
Het orgel in de Dorpskerk. - Ryan Koster
De muzieknoten
“Mijn vader was zelf ook organist in de Dorpskerk. En toen ik een jaar of 7 was ging ik er zelf een beetje achter kruipen. Mijn vader had een lesmethode met verschillende boeken. Met die lesmethode leerde hij mij muzieknoten lezen en orgelspelen. Je speelt natuurlijk je eerste nootje, op een gegeven moment speel je met twee handen en uiteindelijk komen ook je voeten erbij te pas,” vertelt Arjen.
Nadat hij een aantal jaar les heeft gehad van zijn vader, werd het tijd voor een professionelere aanpak. Hij begon lessen bij muziekleraar Gijsbert Kok. “Als ik terugkijk, heb ik bij hem wel veel geleerd,” vertelt Arjen met waardering voor zijn oud-leraar. “Je techniek wordt beter en je krijgt verschillende stijlen mee van oude en nieuwe muziek.”
Eerste dienst
Zijn eerste dienst is hem bijgebleven. Op zijn 15de krijgt Arjen de vraag om de trouwdienst van zijn nicht te begeleiden met het orgel in de Dorpskerk. “Toen had ik al een aantal jaar les, dus kwam er wat meer vorm’, vertelt hij. ‘Het vergt veel oefening om een hele dienst goed te begeleiden.”
Op zijn achttiende werd hij officieel aangesteld als een van de organisten in de Dorpskerk. Een lange tijd bleef hij de jongste organist van de Dorpskerk. Nu is hij nog steeds een van de jongste, maar zijn er geen organisten meer van onder de vijftig. Dat er nog geen jonge opvolgers zijn wekt zorgen bij Arjen. “Je houdt je oren en ogen open. Wanneer er iemand enthousiast is nodig ik hem uit om boven bij het orgel te zitten. Ik verwijs ze weleens door naar iemand waar ze les kunnen nemen.”
Hij erkent dat orgelspelen en enthousiast blijven niet zonder obstakels is. “Een organist moet routine en ervaring opbouwen. Daarvoor moet je natuurlijk thuis kunnen oefenen. Een orgel neemt meer ruimte in dan een blokfluit, het vergt een ruime slaapkamer of een plek in de woonkamer.”
Voorbereiding
De meeste voorbereiding zit in je vrije tijd vertelt Arjen. “Vrijdag krijg je de liederen van de dienst en zondagochtend moet je er zitten. Om een dienst op een passende manier te spelen ben ik een paar uur met de voorbereiding bezig. Maar je wilt jezelf blijven ontwikkelen. Dus ik speel ongeveer elke dag wel een halfuur. Als je op niveau bent dan speel je heel makkelijk en hoef je de dienst alleen nog maar door te nemen. Dat doe ik graag, het is tot eer en glorie van onze God.”















