
Raadszaken: voorlopig laatste commissievergadering staat bol van stevige agendapunten
Politiek Raadszaken
BODEGRAVEN-REEUWIJK - Tijdens de laatste vergadering van de huidige raadsperiode hebben de leden van de raadscommissie Ruimte zich gebogen over enkele uiteenlopende en inhoudelijk stevige agendapunten. Het stedenbouwkundig plan voor de achterlaatlocatie van de voormalige school De Brug in Nieuwebrug werd zonder uitgebreide discussie als hamerstuk doorgeleid naar de gemeenteraad. Meer debat was er over de voorgestelde aanpassingen van het omgevingsplan en de beleidsregel ruimtelijke kwaliteit, het voorstel voor het zogenoemde ‘erfdelen’ van woningen in het buitengebied en het onderzoeksvoorstel om C-wegen geschikt te maken voor vrachtwagens tot 50 ton.
door Bert Verver
Vertegenwoordigers van stichting De 12 Reeuwijkse Plassen en het Dorpsteam uitten in de laatste inspraakraad hun zorgen over mogelijke nadelige effecten van het nieuwe omgevingsplan voor het plassengebied. Bovendien lieten zij weten ontevreden te zijn over de in hun ogen beperkte participatiemogelijkheden. Ook een tweetal standplaatshouders uitte kritiek op het omgevingsplan en het participatieproces. Zij vreesden dat een nieuw vergunningstelsel onduidelijkheid zal scheppen en pleitten ervoor de bestaande APV-vergunningen te handhaven.
Inmiddels hebben gesprekken plaatsgevonden met de insprekers. Er zijn afspraken gemaakt met stichting De 12 Reeuwijkse Plassen en het Dorpsteam Plassengebied over hun betrokkenheid bij toekomstige planwijzigingen. De
wijzigingen voor standplaatsen zullen uit het huidige voorstel gehaald worden gehaald. Deze komen op een later moment terug bij de behandeling van het thema woongebieden’.
De commissieleden spraken hun waardering uit voor het snelle ingrijpen. Tegelijkertijd klonk er zorg over de begrijpelijkheid van het omvangrijke en complexe dossier. Wethouder Dirk Jan Knol benadrukte dat de voorgestelde wijzigingen ‘naar eer en geweten’ en ‘beleidsarm’ zijn doorgevoerd. Na beantwoording van diverse vragen over de gehanteerde systematiek besloot de commissie het voorstel als hamerstuk aan de gemeenteraad aan te bieden.
Erfdeling
De commissie Ruimte boog zich ook over het mogelijk maken van erfdeling in het buitengebied. Het voorstel, de beleidsnotitie ‘Wonen in het Buitengebied (erfdelen)’, gaat uit van de bouw van een klein aantal woningen op een erf, maar dat aantal kan na een bijzondere procedure in uiterste gevallen wel uitgroeien tot tien stuks. Hoewel het voorstel in principe positief werd ontvangen, leefden er ook nogal wat zorgen, onder andere op het gebied van verkeersveiligheid. Zo zag Tom Kalkman (ChristenUnie) risico’s voor verrommeling en vercommercialisering van de bebouwing. Hij waarschuwde voor het feit dat de uitbreiding ook risico’s inhield voor andere woongemeenschappen in het buitengebied. Sander de Kool (D66) zette vraagtekens bij de gehanteerde woningmaten van 45-65 m2 voor starters en maximaal 80 m2 voor senioren.
CDA-woordvoerder Jan van Rooijen vroeg of de provincie positief stond tegenover het voorstel en kreeg daar een bevestigend antwoord op van de wethouder. Verder had hij vragen over de noodzaak van sloop, de positie van arbeidsmigranten en de invloed van de milieucirkel op naastgelegen bedrijven. Namens de SGP gaf Henk van der Smit dan ook aan blij te zijn met het voorstel, maar hij wees er wel op dat er een aanpassing van de bestemming nodig is als de agrarische bestemming van het erf afgehaald wordt.
Wethouder Dirk-Jan Knol sprak de verwachting uit dat het niet storm zou lopen met de aanvragen, aangezien er een aanzienlijke investering nodig is om erfdeling voor elkaar te krijgen. Dat zal door initiatiefnemers opgebracht moeten worden, omdat de gemeente daarin geen taak heeft. Hij wees verder op de relatie met de Ruimte voor Ruimte-regeling, waardoor de sloop van oude bedrijfsgebouwen nodig zal zijn. Een mogelijke mix van wonen en een bedrijf acht hij niet uitgesloten, maar gezien de regelgeving zal dat wel lastig zijn. Hij zag overigens wel kansen om in een zogenaamde anterieure overeenkomst afspraken te maken over de doelgroep waarvoor gebouwd wordt.
Omdat niet alle twijfels weggenomen konden worden, komt het voorstel als bespreekstuk in de raad terug.
C-wegen
Als laatste agenda-item besprak de commissie Ruimte in de laatste vergadering een voorstel om te onderzoeken of het haalbaar is een aantal zogenoemde C-wegen geschikt maken voor vrachtwagens tot 50 ton. Daarbij wordt onder meer gekeken naar het Hoog- en Laageind in Driebruggen.
Dit voorstel leidde tot een uitgebreide gedachtewisseling, waarbij onder meer verkeersveiligheid en leefbaarheid aan bod kwamen, aspecten die eerder in de inspraak ook genoemd werden. Remco Tijssen (BBR) sprak zich positief uit over het voorstel, maar vroeg wel aandacht voor het behoud van het landelijke karakter van de weg. Bas Otting (D66) ging daarin mee, maar zag graag wat alternatieven op tafel komen, zodat er voor de raad ook wat te kiezen is. Ook pleitte hij voor een goed participatietraject ‘aan de voorkant’.
Laurens van den Heuvel (VVD) had begrip voor het onderzoek, maar vroeg zich af hoe de financiële raming van het onderzoek tot stand was gekomen en of het onderzoek ook voor minder geld dan de begrote 218.000 euro kan worden uitgevoerd. Ook Roland van Rossem (BBR) zette vraagtekens bij dat bedrag en was van mening dat er op voorhand te veel werd ingezet op de verzwaring tot 50 ton.
Ronduit kritisch was ChristenUnie-woordvoerder Tom Kalkman. Hij wees erop dat er al eerder een duur onderzoek was uitgevoerd en vroeg zich af of dat niet voldoende was. Ook vreesde hij dat er een precedent werd geschapen voor het onderhoud van andere C-wegen; zouden die straks ook allemaal geschikt gemaakt moeten worden voor 50 ton? De SGP-fractie stemde in met het voorstel, maar Anton Reijerse (GroenLinks) was minder meegaand en gaf aan dat het onderzoek slechts het belang van een klein aantal ondernemers zou dienen. Zijn PvdA-buurman Sjouk Jonker ging daarin mee en zag meer in de inzet van lichtere vrachtwagens. Als laatste spreker steunde Ard van Veen (CDA) het voorstel, al sprak hij daarbij de hoop uit dat de gang van zaken niet zou leiden tot wrijving tussen de (agrarische) ondernemers en de buurtbewoners.
Wethouder Robin Kersbergen was van mening dat het onderzoek de kans gaf om de resultaten te vergelijken, waardoor een keus gemaakt kan worden uit meerdere opties. Volgens hem zullen ook de financiële risico’s in beeld gebracht worden. De wethouder sprak overigens de verwachting uit dat een reconstructie niet zou leiden tot een grote verkeerstoename en dat de eventuele precedentwerking van beperkte omvang zal zijn. Volgens hem was het lastig om de aanpassing van transportmiddelen door de ondernemers af te dwingen. Op het gebied van milieu zag hij geen extra belasting ontstaan.
De commissie besloot uiteindelijk het voorstel eveneens als bespreekstuk naar de raad te brengen.















